Mattheüs 5:21-30
Alles wegdoen wat tot zonde leidt
Meer bij deze lezing
Van deze lezing bestaat een verzorgde PDF, met de bijbelteksten apart gezet en een inhoudsopgave: https://media.versvoorvers.org/mattheus/5-21-30-deel-1.pdf?v=74aef5623845. Deze afdruk komt van https://versvoorvers.org/mattheus/5-21-30-deel-1.
Samenvatting
Jezus’ oproep om alles weg te doen wat tot zonde leidt
Lees de volledige samenvatting
Steve Gregg bespreekt Jezus’ onderwijs over moord en overspel als voorbeelden van de diepere beginselen achter de wet. Hij legt uit dat het uitrukken van het oog en afhakken van de hand geen letterlijke opdracht tot zelfverminking is, maar beeldspraak voor het radicaal wegdoen van gedachten, gewoonten en omstandigheden die tot zonde verleiden. Volgens hem blijkt reddend geloof uit een veranderd leven waarin je Jezus gehoorzaamt, terwijl een belijdenis zonder gehoorzaamheid iemand niet redt. Hij benadrukt daarom dat Jezus’ waarschuwing over het oordeel serieus genomen moet worden en dat bekering van zonde bij geloof in Hem hoort.
De wet raakt ook hart en motieven #
Welkom bij Vers voor Vers! Deze keer behandelen we Mattheüs 5, vers 21 tot en met vers 30, deel 1.
Vandaag gaan we verder met onze studie van de Bergrede in Mattheüs hoofdstuk 5. In het gedeelte dat direct achter ons ligt en dat we in de afgelopen paar bijeenkomsten behandeld hebben, heeft Jezus Zijn onderwijs gegeven over moord en overspel. Nu is het niet alleen zo dat Hij Zijn onderwijs over deze onderwerpen heeft gegeven. Aan de hand van Zijn onderwijs over deze onderwerpen illustreert Hij veeleer Zijn benadering of Zijn begrip van de wet.
U zult niet doodslaan.
en
U zult niet echtbreken.
zijn slechts twee voorbeelden uit de wet. Ze komen uit de tien geboden. En wanneer Jezus ze uitlegt, probeert Hij Zijn discipelen duidelijk te maken dat de gangbare godsdienstige ideeën van hun tijd nogal oppervlakkig en ontoereikend waren. Want die leken zich uitsluitend te richten op de uiterlijke naleving van deze verstrekkende geboden:
Pleeg geen moord.
Pleeg geen overspel. Maar dezelfde beginselen speelden ook een rol bij minder ernstige zaken, bijvoorbeeld wanneer iemand ten onrechte boos was op zijn broeder:
Maar Ik zeg u: Al wie ten onrechte boos is op zijn broeder, zal schuldig bevonden worden door de rechtbank. En al wie tegen zijn broeder zegt: Raka! zal schuldig bevonden worden door de Raad; maar al wie zegt: Dwaas! die zal schuldig bevonden worden tot het helse vuur.
Hetzelfde gold wanneer iemand zijn broeder op een andere manier onrecht aandeed. Of misschien zou je geen overspel plegen, maar zou je dat wel in je hart doen, zoals Jezus zegt:
Maar Ik zeg u dat al wie naar een vrouw kijkt om haar te begeren, in zijn hart al overspel met haar gepleegd heeft.
Wat Jezus zegt, is dat deze dingen voor God even aanstootgevend zijn als die andere dingen, omdat ze hetzelfde beginsel schenden. Moord kan een extreem voorbeeld van onrecht zijn, en overspel een bijna even extreem voorbeeld van onrecht. Toch zijn er minder ernstige voorbeelden die misschien niet onmiddellijk bij ons opkomen, waarbij we andere mensen voortdurend onrecht aandoen. En wanneer we dat doen, krenken we God om dezelfde reden als waarom het Hem zou krenken als we moord of overspel pleegden.
Nu betekent dat niet dat elk onrecht even zwaar weegt. Wanneer we de wet van het Oude Testament lezen, weten we dat verschillende misdrijven verschillende straffen hadden. En die verschillende straffen weerspiegelen natuurlijk de uiteenlopende ernst van de misdrijven. Maar ook als we zeggen dat misdrijven verschillen in ernst, betekent dat niet dat enig misdrijf aanvaardbaar is. En Jezus zei tegen de discipelen:
Want Ik zeg u: Als uw gerechtigheid niet overvloediger is dan die van de schriftgeleerden en de Farizeeën, zult u het Koninkrijk der hemelen beslist niet binnengaan.
Dat staat in ditzelfde hoofdstuk, vers 20. De discipelen kregen dus te horen dat hun gerechtigheid die van de schriftgeleerden en Farizeeën moest overtreffen. En Hij wijst erop dat je anders over de wet zult moeten denken dan de schriftgeleerden en Farizeeën doen, als je hen in gerechtigheid wilt overtreffen. De schriftgeleerden en Farizeeën pleegden voor het grootste deel uiterlijk geen moord of overspel. Maar als je hun gerechtigheid wilt overtreffen, zul je niet alleen moeten opletten dat je deze grote misdrijven vermijdt. Je zult moeten kijken naar wat erachter ligt en zeggen: waarom heeft God hier bezwaar tegen? Wat is er verkeerd aan moord en overspel? En zodra ik ontdek wat er verkeerd is aan moord en overspel, kan ik zien dat hetzelfde beginsel ook andere handelingen zou verbieden die niet zo openlijk of zo gruwelijk zijn als moord en overspel. Jezus wijst er dus op dat het onrecht ervan God krenkt. Als je daarom geen moord en geen overspel pleegt, maar wel dingen doet die even onrechtvaardig zijn, ben je nog steeds in overtreding. Je gerechtigheid overtreft dan niet die van de schriftgeleerden en Farizeeën, terwijl dat wel nodig is.
Oog en hand afhakken is beeldspraak #
Nu heeft Hij over deze kwestie van overspel gesproken en gezegd, in Mattheüs 5:29:
Als dan uw rechteroog u doet struikelen, ruk het uit en werp het van u weg, want het is beter voor u dat een van uw lichaamsdelen te gronde gaat en niet heel uw lichaam in de hel geworpen wordt.
Ik moet eigenlijk eerst het vers daarvoor noemen. Daar zegt Hij:
ik zeg je dat iedereen die begerig naar een vrouw kijkt, in zijn hart al overspel met haar heeft gepleegd.
Daarna zegt Hij:
en als je rechteroog je tot zonde aanzet, ruk het dan uit en gooi het weg, want je kunt beter één lichaamsdeel verliezen dan dat je hele lichaam in de hel wordt gegooid.
En:
En als uw rechterhand u doet struikelen, hak hem af en werp hem van u weg, want het is beter voor u dat een van uw lichaamsdelen te gronde gaat en niet heel uw lichaam in de hel geworpen wordt.
Laat ik meteen vanaf het begin zeggen dat mensen zichzelf veel kwaad hebben aangedaan doordat ze niet begrepen waar Jezus hier op doelt. Ik heb persoonlijk mensen gekend die probeerden hun hand af te hakken, of een ander deel van hun lichaam dat volgens hen de boosdoener was. Dit waren mensen die niet naar de hel wilden gaan. Ze merkten dat ze voortdurend in zonde vervielen en dachten: tja, er zit niets anders op dan dat deel van mijn lichaam af te hakken dat het probleem veroorzaakt. En naast de gevallen die ik persoonlijk ken, heb ik over nog veel meer gevallen gehoord. Ik heb vaak gesproken met voorgangers die leden van hun gemeenten hadden die zichzelf op de een of andere manier probeerden te verminken om te voldoen aan wat Jezus hier eist. Welnu, helaas zagen deze mensen niet dat dit een overdrijving was.
Ze zagen de beeldspraak en de symbolische betekenis van wat Jezus zei niet. Nu zijn er heel wat mensen die zeggen dat je de Bijbel altijd letterlijk moet nemen. Daar ben ik het niet mee eens. Ik geloof dat je de Bijbel letterlijk moet nemen wanneer hij bedoeld is om letterlijk genomen te worden. In andere passages moet je hem interpreteren op de manier die daar bedoeld is. Dus, weet je, als je een gelijkenis hebt, neem je die als een gelijkenis. Je neemt die niet als een historisch verslag. Als je, weet je, een hyperbool als deze hebt, dan neem je die als een hyperbool. Je neemt die niet als een letterlijke instructie. Toen Jezus elders zei dat je het volgende moet doen om een discipel te zijn:
Als iemand tot Mij komt en niet haat zijn eigen vader en moeder en vrouw en kinderen en broers en zusters, ja, ook zelfs zijn eigen leven, die kan Mijn discipel niet zijn.
sprak Hij niet letterlijk. Toen Jezus zei:
En wie zijn kruis niet draagt en achter Mij aan komt, kan geen discipel van Mij zijn.
sprak Hij niet letterlijk. Natuurlijk zei Hij wel degelijk iets. Wanneer we zeggen dat het niet letterlijk is, betekent dat niet dat het niets betekent. Hier begrijp ik de denkwijze van sommige christenen niet. Ze houden vol dat alles letterlijk genomen moet worden. En als je tegen hen zegt: nou, niet alles is per se letterlijk, dan denken ze dat je daarmee zegt dat de gedeelten die niet letterlijk zijn geen betekenis hebben. Dat is absurd. We gebruiken allemaal beeldspraak. We spreken allemaal op manieren die niet exact letterlijk zijn. En het is onze bedoeling dat onze luisteraars die beeldspraak herkennen. Dat betekent niet dat we niet proberen iets over te brengen, een werkelijke boodschap. Het betekent alleen dat we een andere manier van communiceren kiezen dan literalisme, en dat doen we voortdurend. De Bijbelschrijvers doen dat ook. Dus wanneer Jezus zegt dat we ons kruis moeten opnemen en Hem volgen, bedoelt Hij niet letterlijk dat we een houten balk op onze schouder moeten dragen. Maar Hij bedoelt wel degelijk iets, en wat Hij bedoelt is heel belangrijk. We moeten alleen Zijn gebruik van beeldspraak herkennen, vervolgens vaststellen wat Hij bedoelt, en het daarna gehoorzamen en op ons leven toepassen.
Nu hebben we hier, waar Hij tegen de discipelen zegt dat ze hun oog moeten uitrukken of hun hand moeten afhakken, een duidelijk voorbeeld van hoe een letterknechterlijk literalisme heel gevaarlijk kan zijn wanneer het consequent op de Schrift wordt toegepast. Want de Bijbel bedoelt niet dat we alles letterlijk nemen, en dit is geen letterlijke instructie die Jezus geeft. Er zijn verschillende redenen waarom we dat weten. Een belangrijke reden is dat je hand en je oog je niet tot zonde brengen. Ze kunnen instrumenten bij het zondigen zijn, maar de oorzaak van zonde is je hart. Zonde begint in het hart. Jezus zei dat tegen Zijn discipelen en tegen de Farizeeën toen Hij in Mattheüs 15 tot hen sprak. Het staat ook in Markus 7, waar Hij hun vertelde:
Wat de mond ingaat, verontreinigt de mens niet; maar wat de mond uitkomt, dat verontreinigt de mens.
En de discipelen zeiden:
Wat bedoelt U daarmee? Weet U dat de Farizeeën aanstoot namen toen U dat zei?
En Hij zei: nou, hier komt het op neer.
Zie je, het is een verdorven hart dat verontreinigt. Het is niet wat je eet. Zo is het ook wanneer je naar een vrouw kijkt om haar te begeren. Je oog heeft je niet tot zonde gebracht, je hart heeft dat gedaan. Dat begeren kwam uit je hart. Je oog gehoorzaamde eenvoudigweg je hart, je verdorven hart. Als je eropuit gaat en met je hand iets steelt, of met je hand een andere misdaad pleegt, dan heeft je hand je niet tot zonde gebracht. Je verdorven hart heeft dat gedaan. Jezus is Degene Die ons dat elders heeft geleerd. Dus wanneer Hij zegt:
29Als dan uw rechteroog u doet struikelen, ruk het uit en werp het van u weg, want het is beter voor u dat een van uw lichaamsdelen te gronde gaat en niet heel uw lichaam in de hel geworpen wordt. 30En als uw rechterhand u doet struikelen, hak hem af en werp hem van u weg, want het is beter voor u dat een van uw lichaamsdelen te gronde gaat en niet heel uw lichaam in de hel geworpen wordt.
weten we dat we in zouden gaan tegen wat Hij elders leerde als we dit letterlijk namen. En het is heel duidelijk: het is niet je oog of je hand die je tot zonde brengt, het is je hart. En dat kun je beslist niet uitrukken en van je wegwerpen. Hij pleit hier net zomin voor zelfmoord als voor zelfverminking. Hij pleit echter wel ergens voor. En als we eenmaal zeggen: goed, Hij bedoelt niet dat we letterlijk ons oog moeten uitrukken of letterlijk onze hand moeten afhakken, dan betekent dat niet dat we kunnen zeggen: goed, de volgende passage. Nee, wanneer we eenmaal zeggen: goed, het is niet letterlijk, is de volgende vraag: nou, wat betekent het dan? Zie je, sommige mensen willen een moeilijke Schriftpassage graag min of meer van tafel vegen door te zeggen: nou, dat is beeldspraak, volgend onderwerp. Maar zo gaan we niet met de Schrift om. Wanneer we beeldspraak aantreffen, weten we dat die iets betekent. En het kan heel goed iets zeer belangrijks betekenen.
Jezus’ waarschuwing over behoud #
In dit geval bestaat daar geen twijfel over, want Hij zegt dat het beter is om dit te doen dan naar de hel te gaan. Goed, Jezus heeft het dus duidelijk over iets wat de kern raakt van de vraag hoe we aan de hel kunnen ontkomen. Met andere woorden, Hij heeft het over een kwestie van behoud, toch? Hij zei:
Als uw oog u doet struikelen, ruk het uit en werp het van u. Het is beter voor u met één oog tot het leven in te gaan, dan met twee ogen in het helse vuur geworpen te worden.
En:
Als dan uw hand of uw voet u doet struikelen, hak hem af en werp hem van u. Het is beter voor u kreupel of verminkt tot het leven in te gaan, dan met twee handen of twee voeten in het eeuwige vuur geworpen te worden.
Wat Hij met deze passage bedoelt, kunnen we volgens mij achterhalen. Maar wat Hij er ook mee bedoelt, het is niet van weinig betekenis. Het heeft te maken met naar de hemel of naar de hel gaan. Zo zwaar weegt het. Laten we het dus niet licht opvatten. Toen Jezus ons leerde hoe we de hel konden vermijden, sprak Hij geen loze woorden. Hij was door de Vader gezonden om ons te helpen vermijden dat we naar die plaats gaan. En als je denkt dat je Zijn waarschuwingen en Zijn instructies kunt negeren en toch niet naar de hel zult gaan, dan luister je niet en neem je Hem niet serieus.
Goed, nu zouden sommige mensen tegen mij zeggen: ‘Maar Steve, ik ga niet naar de hel, want ik geloof in Jezus en ik ben door geloof behouden.’ Nou, dat kan ik geloven. Ik kan geloven dat je door geloof behouden bent. Ik geloof in rechtvaardiging door geloof alleen. Prima. Maar nu je gerechtvaardigd bent, of nu je beweert dat je gerechtvaardigd bent, hoe weet je dan dat je het werkelijk bent? Er zijn veel mensen die denken dat ze God kennen, maar Hem niet kennen. Weet je dat Jezus Zelf later in de Bergrede zei dat veel mensen op de oordeelsdag geschokt zullen ontdekken dat ze geen christenen waren, omdat ze dachten dat ze het wel waren? In Mattheüs 7, vers 21 en de verzen daarna, zei Jezus:
Niet ieder die tegen Mij zegt: Heere, Heere, zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar wie de wil doet van Mijn Vader, Die in de hemelen is.
Zo. Hier hebben we dus mensen die denken dat ze christenen zijn. Sterker nog, ze hebben een paar behoorlijk goede redenen om dat te denken. Ze hebben in Jezus’ Naam demonen uitgedreven, ze hebben in Zijn Naam geprofeteerd en wonderen gedaan. Dat zou behoorlijk goed bewijs zijn dat ze echt christenen zijn. Maar Hij zegt dat ze het niet waren. Nou, hoe weet jij dan dat jij het wel bent? Heel eenvoudig, Hij zegt het zo:
niet iedereen die Heere, Heere zegt, zal het Koninkrijk der hemelen binnengaan, maar alleen wie de wil doet van Mijn Vader in de hemel.
Wat je doet, zal aantonen dat je werkelijk een gelovige bent. Je denkt misschien dat je een gelovige bent, maar de duivel is een bepaald soort gelovige. Misschien ben jij hetzelfde soort gelovige als hij. Het verandert hem op geen enkele manier en daarom verandert het zijn toestand ook niet. Hij gaat naar de hel, en degenen die hetzelfde soort geloof hebben als hij, zullen daar blijkbaar met hem zijn, als we afgaan op wat Jezus leerde.
Echt geloof blijkt uit gehoorzaamheid #
Nu zouden sommigen kunnen zeggen: ‘Nou, weet je, Jezus sprak tot de Joden. Weet je, Hij sprak over een ander stelsel. Wij vallen onder een andere bedeling. Paulus, weet je, Paulus is onze apostel. Hij is degene die ons leert wat goed en verkeerd is. En behoud door geloof komt van Paulus.’ Nee, dat is niet zo. Dat komt van Jezus. Jezus leerde behoud door geloof, en Paulus ook. Maar als je Paulus liever hebt dan Jezus — God verhoede dat — maar als dat zo is, kun je naar Paulus kijken, als je wilt.
In Titus, hoofdstuk 1, beschrijft Paulus bepaalde mensen. In Titus 1:16 zegt hij:
Zij belijden dat zij God kennen, maar zij verloochenen Hem met hun werken, aangezien zij verfoeilijk zijn en ongehoorzaam en tot elk goed werk ongeschikt.
Doe jij dat? Belijd jij dat je God kent? Belijd jij dat je een christen bent? Belijd jij dat je een gelovige bent? Prima. Vervolgens:
ze zeggen dat ze God kennen, maar met hun daden ontkennen ze Hem; ze zijn verwerpelijk, ongehoorzaam en ongeschikt voor elk goed werk.
Let nu op: deze mensen belijden met hun mond dat ze God kennen, maar hun werken bewijzen dat ze Hem niet kennen. Ze verloochenen Hem. Herinner je je dat Jezus ooit iets dergelijks zei?
Maar wie Mij verloochenen zal voor de mensen, die zal Ik ook verloochenen voor Mijn Vader, Die in de hemelen is.
Paulus zei dat er meer dan één manier is om Jezus te verloochenen. Jij verloochent Jezus en Hij zal jou verloochenen. Dat staat vast. Hij heeft het gezegd. Nu zeg je misschien: ‘Nou, ik verloochen Jezus niet. Ik belijd dat ik een christen ben.’ Prima, met je mond. Maar verloochen je Hem met je werken? Als dat zo is, verloochen je Hem volgens Paulus, en dan zal Hij jou moeten verloochenen. Hij maakte het heel duidelijk:
21Niet ieder die tegen Mij zegt: Heere, Heere, zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar wie de wil doet van Mijn Vader, Die in de hemelen is. 22Velen zullen op die dag tegen Mij zeggen: Heere, Heere, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam demonen uitgedreven, en in Uw Naam veel krachten gedaan? 23Dan zal Ik hun openlijk zeggen: Ik heb u nooit gekend; ga weg van Mij, u die de wetteloosheid werkt!
Waarom? Omdat je de wil van Mijn Vader niet hebt gedaan. Nou, wat is dat? Wat is de wil van de Vader? Jezus verwoordde het zo in de parallelle passage in Lukas 6. Hij zei:
Waarom noemt u Mij: Heere, Heere, en doet niet wat Ik zeg?
Zie je, de wil van de Vader doen, betekent de dingen doen die Jezus zegt.
Met dat in gedachten moeten we beseffen dat we weliswaar door geloof behouden worden, maar dat we alleen kunnen weten dat we door geloof behouden zijn als ons leven veranderd is. En de specifieke verandering is dat we Jezus nu gehoorzamen. Goed, maar wat zei Jezus?
Maar Ik zeg u dat al wie naar een vrouw kijkt om haar te begeren, in zijn hart al overspel met haar gepleegd heeft.
Dat is één ding dat Hij zei. Maar hoe belangrijk moet dat zijn? Wel:
Als dan uw rechteroog u doet struikelen, ruk het uit en werp het van u weg, want het is beter voor u dat een van uw lichaamsdelen te gronde gaat en niet heel uw lichaam in de hel geworpen wordt.
Goed, we hebben het hier over behoud. Hetzelfde geldt voor de hand:
En als uw rechterhand u doet struikelen, hak hem af en werp hem van u weg, want het is beter voor u dat een van uw lichaamsdelen te gronde gaat en niet heel uw lichaam in de hel geworpen wordt.
Dat is wat Jezus zei. Jezus maakt hier dus heel duidelijk dat we Hem serieus moeten nemen wanneer Hij dit zegt. Te veel christenen nemen Hem niet serieus, omdat ze een volkomen onbijbels idee hebben van wat het betekent om door geloof behouden te worden. Ze denken dat geloof gewoon iets in je hoofd is. Ze beseffen niet dat het enige geloof dat de Bijbel erkent als een geloof dat iemand behoudt, een geloof is dat je hele manier van leven verandert. En die verandering wordt afgemeten aan de vraag of je doet wat Jezus gezegd heeft, of Hij jouw Heere is en of je Hem volgt of niet. Als je zegt dat je christen bent en elke zondag naar de kerk gaat, maar je leven, zowel op zondag als op alle andere dagen van de week, geen gehoorzaamheid aan Jezus Christus weerspiegelt in de concrete details van je leven, vergeet het dan maar. Vergeet het maar, man. Je belijdt misschien dat je God kent, maar door je daden verloochen je Hem, en Hij zal jou verloochenen tegenover de Vader. Wil je daar verandering in brengen? Dan kun je maar beter in het reine komen met God. Je kunt maar beter je geloof op zo’n manier in Jezus Christus stellen dat het je leven verandert. Jij brengt die verandering niet teweeg; God doet dat. Maar dat geloof moet gepaard gaan met bekering van zonde. Je moet de overtuiging van zonde ervaren die Gods Heilige Geest zal brengen. Als Hij je niet overtuigd heeft, bid dan tot Hem dat Hij dat zal doen, want als Hij het niet doet, zul je je niet bekeren. En als je je niet bekeert, zul je niet behouden worden. Je zult niet het geloof hebben dat tot behoud leidt als je je niet van je zonde afkeert en Jezus Christus volgt. Dat is wat iedere schrijver van het Nieuwe Testament consequent leert.
Zondige gedachten en daden radicaal weren #
Goed, hoe ernstig is dit nu? Als je oog je tot zonde brengt, ruk het dan uit. Als het je hand is, hak die dan af. Jezus zegt niemand dat hij letterlijk zijn oog moet uitrukken of zijn hand moet afhakken. Maar Hij zegt wel degelijk iets, en Hij zegt het met grote nadruk. Wat dan? Wel, het oog staat volgens mij natuurlijk voor de gedachten. De hand staat voor de werken, de daden. Je verricht je werken met je handen. Nu geef ik toe dat je niet met je oog denkt. Maar in de Schrift houdt het oog vaak verband met kennis of met je denkprocessen. En dat komt hierdoor:
22De lamp van het lichaam is het oog; als dan uw oog oprecht is, zal heel uw lichaam verlicht zijn; 23maar als uw oog kwaadaardig is, zal heel uw lichaam duister zijn. Als het licht dat in u is, duisternis is, hoe groot is dan de duisternis zelf !
Je oog is in werkelijkheid het werktuig van je verstand. Wanneer je naar een vrouw kijkt om haar te begeren, komt dat doordat je hart of je verstand besluit dat te doen en je oog eenvoudig gehoorzaamt. Weet je, Jezus wordt in het boek Openbaring beschreven als:
En ik zag, en zie: te midden van de troon en van de vier dieren en te midden van de ouderlingen stond een Lam als geslacht, met zeven hoorns en zeven ogen. Dat zijn de zeven Geesten van God, die uitgezonden zijn over heel de aarde.
Nu heb ik geen tijd om op dit moment uitvoerig op Openbaring in te gaan, maar dit wil ik wel zeggen: de zeven ogen zijn een Joods symbool waarmee alle kennis wordt aangeduid. Het betekent dat Hij alles ziet en alles weet. Het oog staat dus vaak voor het denkproces, de kennis, de gedachten. En wat Jezus hiermee wil zeggen, is dat je zorgvuldig over je gedachten en je daden moet waken, zozeer dat je alles volledig vermijdt wat je tot zonde brengt of je ervan weerhoudt het Koninkrijk binnen te gaan.
Als er bepaalde plaatsen zijn waar je naartoe gaat, als er bepaalde mensen zijn met wie je omgaat, als er een bepaalde manier is waarop je in je levensonderhoud voorziet, als je bepaalde hobby’s hebt, en als die dingen je toewijding aan Jezus Christus in de weg staan doordat ze je blootstellen aan verleidingen die groter zijn dan je werkelijk kunt weerstaan, dan kun je die dingen maar beter wegdoen. Ze zijn niet zo waardevol voor je als je oog of je hand, maar zelfs als je oog of je hand de boosdoener was, zou je bereid moeten zijn je ervan te ontdoen.
Dat geldt des te meer als het gewoon gaat om bepaald gezelschap, een relatie, een doel, een ambitie, een bezit, iets wat je verafgoodt, iets wat belangrijker voor je is dan Jezus gehoorzamen. Wat het ook is, doe het hoe dan ook weg. Werp het van je af als iets verachtelijks, want het is beter zonder dat het leven binnen te gaan dan het mee te nemen naar de hel. Je weet nu waarover ik het heb. Je weet wat er in je gedachten is. Je weet wat er in je hart is. Je weet wat jouw zonde is. Doe die weg. Je weet wat jou ertoe verleidt dat te doen. Doe die verleiding weg. Ga niet naar die winkels. Ga niet naar het strand. Nu weet ik dat daar in Santa Cruz veel surfers naar mij luisteren. Als je naar het strand gaat en daar al die naakte lichamen ziet, of bijna naakte lichamen, en je daarna in je gedachten problemen hebt met begeerte, hé, laat dan toch eens tot je doordringen wat er gebeurt, man. Je stelt je ogen bloot aan dingen die je beelden bezorgen die je verleiden. Als dat iets begint te worden wat je niet kunt vermijden, als dat de verleiding is en je voor begeerte begint te bezwijken, dan zeg ik je dit: hoe graag je ook surft, ga van dat strand af, man. Ga daar weg. Werp het van je af. Het is beter zonder je surfplank naar de hemel te gaan dan ermee naar de hel te gaan, want daar beneden zul je niet surfen.
Oproep tot heiligheid en bekering #
Dit is wat Jezus zegt: neem heiligheid serieus. Wanneer Jezus hier in de Bergrede tegen je spreekt en zegt dat dit de gerechtigheid is die God eist, zegt Hij:
Want Ik zeg u: Als uw gerechtigheid niet overvloediger is dan die van de schriftgeleerden en de Farizeeën, zult u het Koninkrijk der hemelen beslist niet binnengaan.
Hij staat hier niet zomaar wat te roepen. Hij probeert ons naar de hemel te krijgen. Hij probeert te voorkomen dat jij naar de hel gaat. Het is verbazingwekkend. Jezus verlangt er sterker naar dat jij de hel ontloopt dan sommigen van jullie daar zelf naar verlangen.
Nu, ik weet het niet, ik begin hier af en toe een beetje te preken, maar het klinkt mij in de oren alsof Jezus hier ook een beetje begint te preken. Hoe kunnen we over de Bergrede spreken en haar recht doen zonder een beetje te preken? Wanneer we over eeuwig leven en eeuwige verdoemenis spreken, is dat werkelijk niet iets om kalm over te praten.
Er luisteren op dit moment mensen naar mij die precies zo leven als Jezus zei dat mensen rechtstreeks naar de hel zal voeren. Als je daarmee wilt doorgaan, klaag dan niet wanneer je daar terechtkomt. Maar dit is je waarschuwing. Jezus geeft deze waarschuwing. En trouwens, Hij geeft haar niet aan de heidenen. Hij geeft haar aan Zijn discipelen. Ik maak me zorgen over de christenen die naar deze uitzending luisteren en spelletjes spelen met God. Ze zeggen dat ze God kennen, maar in hun leven gehoorzamen ze Hem niet, en ze denken dat ze ermee weg zullen komen. Verrassing: dat zal niet gebeuren. Jezus zal tegen velen die zeiden:
Velen zullen op die dag tegen Mij zeggen: Heere, Heere, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam demonen uitgedreven, en in Uw Naam veel krachten gedaan?
zeggen:
Dan zal Ik hun openlijk zeggen: Ik heb u nooit gekend; ga weg van Mij, u die de wetteloosheid werkt!
En ik kan nauwelijks iets bedenken wat angstaanjagender is dan op de oordeelsdag voor God te staan. Op die ene dag liggen al je verwachtingen, angsten en genoegens van dit leven allemaal achter je. Er is niets meer om naar uit te zien, behalve de eeuwigheid. En Hij zegt: Ik ken je niet. Je kunt hier niet bij Mij komen. Je hoort niet bij Mij. Ik denk dat je thuishoort op die plek waarvoor Ik je gewaarschuwd heb. Maar het leek er niet op dat je die erg graag wilde ontlopen.
Hoe graag wil je voorkomen dat je naar de hel gaat? Nou, ik denk dat je die beslissing nu moet nemen. Als je een zondaar bent die in strijd met Gods wetten leeft, kun je je tot God wenden. Je kunt je van je zonde bekeren, je omkeren, Jezus Christus volgen en je geloof in Hem stellen. Hij zal je vergeven.
Maar als wij in het licht wandelen, zoals Hij in het licht is, hebben wij gemeenschap met elkaar, en het bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde.
Maar het bloed van Jezus reinigt je niet als je het niet serieus genoeg neemt om je van je zonde af te keren. Dat is wat de Bijbel leert. Misschien wil je dat niet, maar dit is wat de Bijbel leert.
Herkomst
Meld een fout in deze lezing — de lezing en de passage worden alvast in je e-mail ingevuld.
Deze lezing is van Steve Gregg en verscheen oorspronkelijk in het Engels als Matthew 5:21 - 5:30 (Part 1). Beluister het origineel.
De Nederlandse tekst is een vertaling, nagelezen en ingesproken door Vers voor Vers, en verschijnt met toestemming van Steve Gregg. Bijbelteksten komen uit de HSV.
Delen
Richt de camera van je telefoon op de code en de lezing opent daar — handig om verder te luisteren onderweg.
versvoorvers.org/mattheus/5-21-30-deel-1
De link werkt overal: in een app, in een mail, of geplakt in een gesprek. Wie hem opent komt op deze lezing uit, met de tekst en de opname erbij.
De lezing als leesuitgave: de volledige tekst met de bijbelteksten en een inhoudsopgave, om af te drukken en met een pen in te werken.
media.versvoorvers.org/mattheus/5-21-30-deel-1.pdf?v=74aef5623845
Deel deze link en de ander kan het bestand daar zelf ophalen — handig in een bericht of een mail, waar het bestand zelf vaak te groot voor is.
Wordt opgeslagen als Vers voor Vers - Mattheüs - Lezing 31 - 5.21-30.pdf
MP3
De opname zelf, met hoofdstukken en omslag erin. Speelt in elke app en werkt zonder internet.
media.versvoorvers.org/mattheus/5-21-30-deel-1.mp3?v=5989411d558e
Deel deze link en de ander kan het bestand daar zelf ophalen — handig in een bericht of een mail, waar het bestand zelf vaak te groot voor is.
Wordt opgeslagen als Vers voor Vers - Mattheüs - Lezing 31 - 5.21-30.mp3
Mattheüs
Alle lezingen over Mattheüs. De ring laat zien hoever je in elke lezing bent.
- 1 Inleiding deel 1 Waarom het leven van Jezus bestuderen?
- 2 Inleiding deel 2 De evangeliën als betrouwbare geschiedenis
- 3 Inleiding deel 3 Mattheüs, apostel en schrijver voor Joden
- 4 1:1-17 Jezus' stamboom via Abraham en David
- 5 1:18-25 Jozef, Maria en de maagdelijke geboorte
- 6 2:1-3 Wijzen uit het oosten, Herodes schrikt
- 7 2:4-15 Wijzen aanbidden Jezus; vlucht naar Egypte
- 8 2:16-23 Kindermoord en Jezus’ terugkeer uit Egypte
- 9 3:1-6 Johannes roept Israël tot bekering
- 10 3:7-3:12 Johannes waarschuwt Israël voor oordeel
- 11 3:13-17 Waarom liet Jezus Zich dopen?
- 12 4:1-11 Jezus weerstaat drie verzoekingen
- 13 4:1-17 Jezus weerstaat de duivel in de woestijn
- 14 4:18-25 Jezus roept vier vissers om Hem te volgen
- 15 5:1-2 De Bergrede en haar zaligsprekingen
- 16 5:3 Arm van geest: afhankelijk van Gods genade
- 17 5:4 Wie om zijn zonden treurt, wordt getroost
- 18 5:5 Zachtmoedigheid is kracht onder controle
- 19 5:6 Hongeren en dorsten naar gerechtigheid
- 20 5:7 Barmhartigen helpen en vergeven
- 21 5:8 De reinen van hart zullen God zien
- 22 5:9 Vredestichters herstellen relaties
- 23 5:10-12 Vervolgd om Jezus, beloond in de hemel
- 24 5:11-13 De gemeente als zout tegen moreel verval
- 25 5:14-16 De gemeente toont Gods wil door goede werken
- 26 5:17-20 Jezus schaft de wet niet af maar vervult die
- 27 5:17-20 Jezus vervult de morele en rituele wet
- 28 5:17-20 Jezus over recht, barmhartigheid en trouw
- 29 5:21-26 Het moordverbod gaat ook over boosheid
- 30 5:27-30 Overspel en begeerte doen de partner tekort
- 31 5:21-30 Alles wegdoen wat tot zonde leidt
- 32 5:21-30 Wat tot zonde leidt, moet weg
- 33 5:31-32 Echtscheiding, hertrouwen en overspel
- 34 5:33-37 Een eerlijk woord heeft geen eed nodig
- 35 5:38-42 Geen vergelding, maar de andere wang
- 36 5:43-48 Vijanden liefhebben zoals de Vader doet
- 37 6:1-4 Geven voor God, niet voor de mensen
- 38 6:1-4 Geven aan armen zonder de aandacht te zoeken
- 39 6:5-8 Bidden tot God, zonder vertoon of omhaal
- 40 6:9-13 Het Onze Vader als voorbeeldgebed
Ondertitels
De uitgesproken tekst met tijdcodes, op dezelfde klok als de opname. Voor wie de video zelf ondertitelt of de lezing in een editor naast het geluid wil leggen.
media.versvoorvers.org/mattheus/5-21-30-deel-1.srt?v=002e5acabba5
Deel deze link en de ander kan het bestand daar zelf ophalen — handig in een bericht of een mail, waar het bestand zelf vaak te groot voor is.
Wordt opgeslagen als Vers voor Vers - Mattheüs - Lezing 31 - 5.21-30.srt
de platte tekst
Dezelfde lezing als Markdown: titel, gegevens, hoofdstukindeling en de volledige tekst, zonder opmaak. Bedoeld om door te geven aan een taalmodel of in een editor te openen.
versvoorvers.org/mattheus/5-21-30-deel-1.md
Deel deze link en de ander kan het bestand daar zelf ophalen — handig in een bericht of een mail, waar het bestand zelf vaak te groot voor is.
Link naar dit stuk
Wie deze link opent komt op deze lezing uit en springt meteen naar dit stuk tekst, dat daar even oplicht. De opname begint niet vanzelf — de lezer bepaalt zelf of hij ook wil luisteren.
Hoofdstukken
Kies een hoofdstuk en de opname springt daarheen.
Bijbelteksten
Alle teksten die in deze lezing langskomen, in de volgorde waarin ze aan bod zijn.
- Exodus 20:13
- Exodus 20:14
- Mattheüs 5:22
- Mattheüs 5:28
- Mattheüs 5:20
- Mattheüs 5:29
- Mattheüs 5:30
- Lukas 14:26
- Lukas 14:27
- Mattheüs 15:11
- Mattheüs 15:12
- Mattheüs 5:29-30
- Mattheüs 18:9
- Mattheüs 18:8
- Mattheüs 7:21
- Titus 1:16
- Mattheüs 10:33
- Mattheüs 7:21-23
- Lukas 6:46
- Mattheüs 6:22-23
- Openbaring 5:6
- Mattheüs 7:22
- Mattheüs 7:23
- 1 Johannes 1:7