Genesis Inleiding op de Pentateuch
Mozes en de documentaire hypothese
Meer bij deze lezing
Van deze lezing bestaat een verzorgde PDF, met de bijbelteksten apart gezet en een inhoudsopgave: https://media.versvoorvers.org/genesis/inleiding-op-de-pentateuch.pdf?v=2497d1d9887f. Deze afdruk komt van https://versvoorvers.org/genesis/inleiding-op-de-pentateuch.
Samenvatting
Het auteurschap van Mozes en de documentaire hypothese
Lees de volledige samenvatting
Steve Gregg bespreekt de Pentateuch als de vijf boeken van de Torah en richt zich vooral op de vraag naar het auteurschap ervan. Hij legt de documentaire hypothese en de argumenten voor verschillende vermeende bronnen uit, maar stelt dat deze argumenten het Mozaïsche auteurschap niet weerleggen. Vervolgens voert hij Bijbelse uitspraken, het Egyptische referentiekader, Egyptische leenwoorden en andere interne kenmerken aan als bewijs dat Mozes in hoofdzaak de auteur was, al kunnen latere redacteuren enkele toevoegingen hebben gedaan. Tot slot geeft hij een kort overzicht van de inhoud en de voornaamste thema’s van Genesis tot en met Deuteronomium.
De Pentateuch als de vijf boeken van de Wet #
Welkom bij Vers voor Vers!
In deze lezing hebben we, denk ik, een heel interessant onderwerp om te bestuderen, namelijk de Pentateuch als verzameling. We spreken over de canon van de Schrift. De canon van het Oude Testament bestaat uit de Wet, de Profeten en de Geschriften. De Wet is wat wij de Pentateuch noemen. Het woord Pentateuch betekent vijf boeken. Het is Grieks voor vijf boeken of vijf rollen. Destijds hadden ze boekrollen, geen boeken. Daarom wordt het de vijf rollen of de vijf boeken genoemd, en daarmee worden Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium bedoeld.
De Joden noemen het niet de Pentateuch. Dat is een Griekse term. De Joden noemen het de Torah. Zoals ik in een eerdere lezing al zei, betekent Torah letterlijk onderricht of wet. Je leest in de Schrift vaak over de Wet, en in het Hebreeuwse Oude Testament staat daar het woord Torah. Het Nieuwe Testament is in het Grieks geschreven. Wanneer je daar dus het woord wet aantreft, gebruiken ze niet het woord Torah, maar het woord nomos, het Griekse woord voor wet. Maar Torah verwijst naar hetzelfde als wat wij de Pentateuch noemen. Christelijke geleerden noemen die vrijwel altijd de Pentateuch, en daarmee worden de eerste vijf boeken bedoeld.
Het betwiste auteurschap van Mozes #
Waar ik in deze lezing vooral mijn tijd aan wil besteden, is het auteurschap van de Pentateuch, want dat wordt pas sinds de laatste paar eeuwen betwist. De Joden hebben altijd geloofd dat de Pentateuch, of de Torah, door Mozes geschreven is, en die werd de Wet van Mozes genoemd. Jezus lijkt dit ook te bevestigen. Hij zegt:
Heeft Mozes u niet de wet gegeven? En niemand van u doet de wet. Waarom probeert u Mij te doden?
We noemen dit het Mozaïsche auteurschap. In het Engels wordt Mozaïsch geschreven als mosaic: M-O-S-A-I-C, net als het woord mosaic. Daarmee wordt bedoeld dat Mozes de auteur is. De Joden hebben dat altijd geloofd, christenen hebben dat altijd geloofd, en Jezus en de apostelen geloofden het blijkbaar ook, want zij bevestigden het. Maar pas in de achttiende eeuw begonnen sommige geleerden te zeggen dat de Pentateuch niet door Mozes geschreven kon zijn.
Oorspronkelijk hadden ze een reden om dat te zeggen die nu niet meer als geldig wordt beschouwd, maar toch zijn ze bij de theorie gebleven. Als je wilt weten waarom dit ertoe doet: volgens deze nieuwe theorie — die niet erg nieuw is, want ze bestaat al tweehonderd jaar of langer — zijn de boeken helemaal niet door een geïnspireerde man geschreven. De vijf boeken zijn ontstaan uit bepaalde mondelinge overleveringen die eeuwenlang onder de Joden circuleerden en hier en daar werden veranderd, zonder dat er werkelijk iets was waarop je kon vertrouwen. Daarna werden ze pas heel, heel laat opgeschreven, mogelijk wel duizend jaar na het leven van Mozes.
De theorie is dus dat Mozes ze niet heeft geschreven en dat ook geen enkele profeet ze heeft geschreven. Als Mozes ze heeft geschreven, was hij een profeet. Als we het Mozaïsche auteurschap van de Pentateuch aanvaarden, erkennen we daarom vanzelfsprekend dat het Schrift is. Het is profetisch. Het is geschreven door een man die door God geïnspireerd werd. Als hij ze niet heeft geschreven en ze in plaats daarvan zijn ontstaan op de manier die sommige geleerden hebben voorgesteld, dan zijn ze niet profetisch. Dan zijn ze niet het Woord van God en misschien zelfs niet erg betrouwbaar.
Dit is een belangrijke vraag wanneer we de Pentateuch bestuderen. We moeten weten: lezen we de Schrift, of lezen we Joodse legenden? Dat zijn eigenlijk de twee mogelijkheden.
Schrift en archeologie in Mozes’ tijd #
De eerste reden waarom ze stelden dat Mozes de Pentateuch niet geschreven had, was dat het schrift in de tijd van Mozes nog niet was uitgevonden. Mozes leefde ongeveer 1400 jaar vóór Christus, tussen de 1400 en 1500 jaar vóór Christus. Ongeveer tweehonderd jaar geleden dachten geleerden dat mensen zo vroeg in de menselijke geschiedenis het schrift nog niet hadden ontwikkeld als middel om informatie vast te leggen. Het was dus duidelijk dat Mozes dit materiaal onmogelijk geschreven kon hebben, omdat schrijven toen niet mogelijk was. Er bestond geen schrift. Dit lijkt de bewering te zijn geweest die aanvankelijk het Bijbelse bewijs ondermijnde dat Mozes het wel geschreven had. Men nam aan dat de wetenschap had bewezen dat Jezus en de Joden ongelijk hadden toen zij dachten dat Mozes het geschreven had.
Die bewering werd echter gedaan vóór de ontdekking van de teksten van Ras Shamra en de wetten van Hammurabi. De wetten van Hammurabi werden in 1901 en 1902 door archeologen gevonden, en de teksten, of kleitabletten, van Ras Shamra werden in 1958 gevonden.
De teksten van Ras Shamra dateren ongeveer uit de tijd van Mozes. Het zijn verschillende geschriften uit Palestina die archeologen hebben gevonden. Ik geloof niet dat ze Bijbels materiaal bevatten, maar het zijn wel geschreven documenten uit de tijd van Mozes in Palestina. We weten dus dat het schrift in de tijd van Mozes bestond.
Nog belangrijker is dat de wetten van Hammurabi zijn gevonden op een grote steen die men een stèle noemt — in het Engels stele, gespeld als S-T-E-L-E — een grote steen met schrift erop. In 1901 vonden ze deze wetten van Hammurabi, in steen gegrift. Hammurabi was de koning van de Mesopotamiërs rond de tijd van Abraham, een beetje vroeger of later misschien, maar ongeveer in de tijd van Abraham.
Abraham leefde zeshonderd jaar vóór Mozes, en de geschriften van Hammurabi dateren dus van honderden jaren vóór Mozes. Het is duidelijk dat het schrift bestond als men de wetten van Hammurabi zo’n zeshonderd jaar of langer vóór de tijd van Mozes opschreef. Het fundamentele argument van de critici die zeiden dat Mozes het niet geschreven kon hebben, berustte dus op de aanname dat het schrift nog niet was uitgevonden, en daarin hadden ze ongelijk. Je zou daarom denken dat de argumenten van de critici overboord zouden worden gezet. Maar nee, ze hadden er al zoveel werk aan besteed. Ze hadden hun theorie over een ander auteurschap van de Pentateuch ontwikkeld. Het bracht hen dus niet van hun stuk toen ze ontdekten dat het schrift in de tijd van Mozes wel degelijk bestond. Ze hadden zelf nog een heleboel argumenten bedacht om te stellen dat hij dit specifieke materiaal niet geschreven had.
De documentaire hypothese en haar bronnen #
Laat me je vertellen welke argumenten ter ondersteuning van deze alternatieve theorie over het auteurschap worden aangevoerd. Trouwens, de alternatieve theorie wordt gewoonlijk de documentaire hypothese genoemd. Deze term wordt veel gebruikt, dus het is waarschijnlijk goed als je hem kent. Ze wordt de documentaire hypothese genoemd. Als je commentaren op het Oude Testament leest, zul je verwijzingen naar de documentaire hypothese tegenkomen.
Deze hypothese houdt in dat er vier afzonderlijke, tamelijk vroege tradities van de Joden zijn die elkaar op sommige punten overlappen. Er zijn twee zeer vroege tradities die in de eerste hoofdstukken van Genesis met elkaar verweven zijn. En in de rest van de Pentateuch vind je enkele van de andere twee tradities. Er wordt gesteld dat deze tradities op verschillende momenten onder verschillende groepen Joden zijn ontstaan. De vroegste daarvan zou van omstreeks 850 voor Christus dateren. Die wordt de Jehovaïstische traditie genoemd.
De reden waarom die de Jehovaïstische traditie wordt genoemd, is dat men denkt dat de geschriften waarin deze specifieke traditie bewaard is gebleven, de naam Jehova gebruiken. In het boek Genesis en in de rest van de Bijbel vind je de naam Jehova of Jahweh. Het is dezelfde naam, maar met een andere uitspraak: Jahweh of Jehova. Dit is de voornaamste eigennaam van God in de Bijbel, de voornaamste eigennaam die God aan Zichzelf geeft. Je zult zien dat sommige passages, bijvoorbeeld in Genesis, over God spreken als Jehova of Jahweh, terwijl andere Hem Elohim noemen.
Elohim, Jahweh en de namen van God #
Elohim is een woord dat... Nu ja, het woord El betekent in het Hebreeuws God, en Elohim is min of meer een meervoudsvorm van dat woord. Ik zal je gewoon wat eenvoudige informatie over de Hebreeuwse taal geven. Niet dat ik er veel van weet, maar dit weet ik. Wanneer men in het Hebreeuws een zelfstandig naamwoord in het meervoud wil zetten, voegt men er aan het einde iets aan toe, zoals wij dat ook doen. Wanneer wij een zelfstandig naamwoord in het meervoud willen zetten, voegen we er meestal de uitgang en of s aan toe. Dan hebben we niet hond maar honden, niet jongen maar jongens, niet tafel maar tafels. In het Hebreeuws voegt men ook iets aan het einde van het woord toe om het meervoud te maken, namelijk de letters im, Dus als je één cherub hebt, heb je meerdere cherubim. Als je één seraf hebt, heb je meerdere serafim. Im maakt het woord meervoudig.
Het woord El betekent in het Hebreeuws God. Elohim is een soort uitgebreide meervoudsvorm van dat woord. Daarom wordt het woord Elohim in sommige delen van de Bijbel, in bepaalde gevallen, met goden vertaald. De Bijbel spreekt namelijk over de goden van de heidenen, de goden van de niet-Joden, met andere woorden: de afgoden. Wanneer naar die goden wordt verwezen als goden, staat daar het woord Elohim. Elohim betekent goden.
Technisch gezien lijkt het woord Elohim dus goden te betekenen. Maar in het Oude Testament wordt het op een bijzondere manier gebruikt. Soms wordt Elohim daar gebruikt met een werkwoordsvorm die een enkelvoudig onderwerp vereist. Dat is vreemd, want gewoonlijk komt in de meeste talen het getal van de werkwoordsvorm overeen met dat van het onderwerp. Dat betekent dat je bij een enkelvoudig onderwerp een enkelvoudige werkwoordsvorm hebt. Heb je een meervoudig onderwerp, dan hoort daar een meervoudige werkwoordsvorm bij. In sommige passages in het Oude Testament heb je Elohim, een meervoudig zelfstandig naamwoord, als onderwerp, terwijl de werkwoordsvorm enkelvoudig is. Het is alsof Elohim in die gevallen een enkelvoudig woord is. In zulke gevallen hebben onze vertalers Elohim vertaald met God.
Waarom God Elohim genoemd zou worden in plaats van eenvoudigweg El, heeft tot verschillende theorieën geleid. Eén theorie is natuurlijk dat God de Drie-eenheid is. God is één, maar Hij is ook drie-enig. Hij is ook drie. Misschien wordt daarom een meervoudsvorm van het woord God gebruikt met een enkelvoudig werkwoord. Het is maar één theorie. Het is een theorie waar christenen zich vaak tamelijk goed in kunnen vinden, maar het is niet bekend of dit de reden is waarom God soms Elohim wordt genoemd.
Maar in Genesis, in de Pentateuch, vind je passages waarin God Elohim wordt genoemd en passages waarin Hij Jahweh of Jehova wordt genoemd. Deze geleerden besloten dus dat misschien de ene groep Joden in een bepaalde tijd God als Jehova kende, terwijl anderen de gewoonte hadden Hem Elohim te noemen. De passages die Hem Jehova noemen, zouden voortkomen uit een vroege traditie van mensen die Hem bij die naam noemden. De passages die Hem Elohim noemen, zouden uit een afzonderlijke traditie komen die hier op de een of andere manier mee verbonden raakte toen deze uiteindelijke documenten in hun huidige vorm werden samengesteld.
Naar mijn mening wordt hiermee onvoldoende rekening gehouden met het feit dat er in het boek Genesis veel plaatsen zijn waar God Jahweh Elohim of Jehova Elohim wordt genoemd. De woorden worden samengevoegd. Een conservatieve Jood of christen die in het gangbare auteurschap van Mozes gelooft, zou eenvoudigweg zeggen dat God vanaf het begin onder beide namen bekendstond. Soms werd Hij Jahweh genoemd, soms Elohim en soms Jahweh Elohim. Petrus wordt soms Simon genoemd, soms Petrus en soms Simon Petrus. Zo is het ook niet al te vergezocht om te stellen dat de Joden God onder beide namen kenden en beide namen in verschillende situaties gebruikten.
Maar de documentaire hypothese begon met het idee dat de passages met Jehova de oudste zijn, de passages waarin de naam Jehova wordt gebruikt. Die traditie is daarom belichaamd in passages waarin de naam Jehova wordt gebruikt, en die traditie zou misschien omstreeks 850 jaar voor Christus zijn ontstaan. Ongeveer honderd jaar later, 750 jaar voor Christus, zou volgens hen de Elohistische traditie zijn ontstaan, die te vinden is in de passages waarin het woord Elohim wordt gebruikt. Daarom worden ze de Jehovaïstische en de Elohistische traditie genoemd: de ene gebruikt Jehova en de andere gebruikt Elohim.
Trouwens, er is geen objectieve reden om zulke dateringen vast te stellen, of zelfs maar te zeggen dat dit verschillende tradities zijn. Het is gewoon een theorie die iemand bedacht heeft. Iemand anders vond haar goed klinken en gaf haar door, en uiteindelijk werd ze min of meer standaardkost.
De priesterlijke en deuteronomistische bron #
Er zijn andere passages die volgens hen uit het priesterlijke tijdperk stammen. Ze denken dat het priesterschap pas laat in de geschiedenis van Israël is ontstaan. Daarom zouden de passages waarin de nadruk op priesters ligt, zoals het boek Leviticus, of zelfs sommige passages in Genesis en Exodus enzovoort, afkomstig zijn uit een latere traditie waarin de nadruk op de priesters van Israël lag. Dat noemen ze de priesterlijke traditie.
Er is nog één andere traditie die ze menen te vinden. Die noemen ze de deuteronomistische traditie. Het woord Deuteronomium komt van twee Griekse woorden. Deutero betekent twee, of eigenlijk tweede. Nomos is het Griekse woord voor wet. Nomos, N, O, M, O, S. Deuteronomos, Deuteronomium, betekent dus tweede wet. Het boek Deuteronomium wordt de tweede wet genoemd omdat de wet daarin voor de tweede keer wordt uiteengezet. Het is geen andere wet dan de wet die eerder grotendeels in Exodus en Leviticus werd uiteengezet. In Deuteronomium, dat uit een veel latere periode in het leven van Mozes stamt, zet hij de wet opnieuw uiteen. Deuteronomium is dus een herhaling van de wet. Het is als het ware een tweede wet.
De vierde vermeende traditie binnen de documentenhypothese is de deuteronomistische. Die omvat bijna de volledige inhoud van Deuteronomium en wat stukjes uit andere delen van de Pentateuch. Het idee is dat deze verschillende tradities op vier verschillende momenten in de geschiedenis onder de Joden zijn ontstaan. De Joden die de Pentateuch samenstelden, waren een beetje schizofreen. Ze wisten niet zeker welke tradities waar waren, dus voegden ze die allemaal samen en vlochten ze door elkaar. Als gevolg daarvan hebben we het huidige werk.
Natuurlijk geloven ze dat de vroegste van deze tradities uit 850 voor Christus stamt. Dat is toch zeker vijf- of zeshonderd jaar na de tijd van Mozes, dus Mozes was niet de auteur. Vervolgens geloven ze dat de elohistische traditie uit ongeveer 750 voor Christus stamt, honderd jaar later. De deuteronomistische traditie zou uit 650 voor Christus stammen en de priesterlijke uit 450 voor Christus. Dat is een vol millennium na de tijd van Mozes.
De theorie wordt soms de Graf-Wellhausen-theorie genoemd, omdat twee mannen met de namen Graf en Wellhausen haar in haar vroege stadia hebben ontwikkeld. In werkelijkheid begon ze al in 1753, vóór Graf en Wellhausen. In 1753, ongeveer 250 jaar geleden, schreef Jean Astruc, een Franse arts van Joodse afkomst, anoniem een boek. Daarin werd voor het eerst voorgesteld dat de Pentateuch misschien meerdere bronnen had, in plaats van dat Mozes de auteur was. Dat was de eerste poging om zoiets als deze theorie naar voren te brengen.
Ze werd echter tot haar huidige vorm ontwikkeld door geleerden als professor K. H. Graf in 1866 en Julius Wellhausen in 1895 in Duitsland. Zij meenden vier verschillende tradities te hebben geïdentificeerd. Die worden soms J, E, D, P genoemd: jehovistisch, elohistisch, deuteronomistisch en priesterlijk. Het wordt ook J, E, P, D of J, E, D, P genoemd. Een Israëlische historicus, Yehezkel Kaufmann, bestreed in de jaren vijftig de volgorde en zette de laatste twee in een andere volgorde. Daarom noemen ze haar vaak de JEPD-theorie, de documentenhypothese of de Graf-Wellhausen-theorie.
Je hoeft dat allemaal niet te weten, maar je zult er de rest van je leven over horen als je ooit met christelijke geleerden over zulke zaken praat. Dat zijn de termen die zij gebruiken.
Gods namen en de Kanaänieten als argument #
Nu wil ik het hebben over het bewijs dat ze daadwerkelijk voor deze theorie aanvoeren. Een deel daarvan is best interessant. De ondersteunende argumenten zijn, zoals ik al aangaf, dat God soms Elohim en soms Jahweh of Jehova wordt genoemd. Naar mijn mening is dat een uiterst zwak argument. Zoals ik al zei, bewijst het niet dat dezelfde auteur die passages niet geschreven kan hebben, maar dat was de eerste waarneming die ze deden.
Dan zijn er twee plaatsen in het boek Genesis waar staat dat de Kanaänieten en de Ferezieten destijds in het land waren. In Genesis 12:6, wanneer Abram voor het eerst het land Kanaän binnengaat, staat:
En Abram trok door dat land heen tot aan de heilige plaats bij Sichem, tot de eik van More. De Kanaänieten woonden toen in dat land.
In Genesis 13:7, wanneer er een geschil ontstaat tussen Abram en Lot, staat:
Er ontstond dan ook onenigheid tussen de herders van het vee van Abram en de herders van het vee van Lot. Bovendien woonden in die tijd de Kanaänieten en de Ferezieten in dat land.
De reden waarom dit van belang is, is dat het klinkt alsof dit geschreven werd in een tijd waarin de Kanaänieten en de Ferezieten niet meer in het land waren. Het klinkt alsof de schrijver terugkijkt op een vroegere tijd waarin de Kanaänieten in het land waren, terwijl ze er nu, vanuit het standpunt van de schrijver, niet meer zijn, omdat hij voor een latere generatie schrijft. Volgens hen is de veronderstelling: destijds waren de Kanaänieten in het land, maar nu zijn ze er natuurlijk niet meer.
Natuurlijk waren de Kanaänieten nog steeds in het land toen Mozes stierf. Het was Jozua die, na de dood van Jozef, het land binnentrok en Kanaän veroverde. Daarom zeggen ze dat Mozes dat niet geschreven kan hebben, want Mozes zou niet over de aanwezigheid van de Kanaänieten spreken alsof die iets uit het verleden was. Ze waren gedurende het hele leven van Mozes nog steeds in het land. Dit is dus een argument tegen het auteurschap van Mozes. Evangelischen hebben er echter op gewezen dat er ook eenvoudigweg kan staan: zelfs toen, in de tijd van Abram, waren de Kanaänieten in het land. Dat wil zeggen: net als nu waren de Kanaänieten en de Ferezieten ook destijds in het land. Misschien wist je niet dat ze daar al zo lang geleden waren. De Joden in de tijd van Mozes wisten dat de Kanaänieten in hun tijd in het land waren, maar misschien wisten ze niet dat de Kanaänieten zeshonderd jaar vóór hun tijd ook al in het land waren. Mozes kan dus gemakkelijk hebben gezegd:
De Kanaänieten woonden toen in het land, met als implicatie: net zoals ze dat nu doen. Dat is heel goed mogelijk.
Latere redactionele toevoegingen #
Er is ook nog een andere mogelijkheid, en die moeten we in aanmerking nemen. Wanneer we zeggen dat Mozes de auteur van de Pentateuch is, houden we niet noodzakelijk vol dat hij ieder woord van de Pentateuch heeft geschreven. Met andere woorden, de boeken van de Pentateuch kunnen tot ons zijn gekomen met enkele redactionele toevoegingen. Een van de voor de hand liggende voorbeelden daarvan is het laatste hoofdstuk van Deuteronomium. Het laatste hoofdstuk van Deuteronomium vertelt over de dood van Mozes. Sommige mensen zeggen: ‘Misschien heeft Mozes dat vóór zijn dood profetisch geschreven.’ Maar dat denk ik niet. Want als je naar de bewoording van de passage kijkt, vooral naar Deuteronomium 34:10, vertelt die over de dood van Mozes en zegt vervolgens:
En er is in Israël geen profeet meer opgestaan zoals Mozes, die de HEERE kende van aangezicht tot aangezicht,
Dat is duidelijk geschreven nadat Mozes gestorven was. En enige tijd daarna zegt de auteur dat er sinds de dood van Mozes nooit een profeet zoals hij is opgestaan. Het lijkt duidelijk dat iemand die laatste verzen van Deuteronomium heeft toegevoegd. Misschien heeft Jozua dat gedaan. Het doet er niet toe wie het heeft gedaan. Het punt is dat het om een klein gedeelte van Deuteronomium gaat dat Mozes niet heeft geschreven.
Sommige mensen, onder wie behoudende evangelischen die geloven dat Mozes de auteur van de Pentateuch is, denken dat Mozes in hoofdzaak de auteur van de Pentateuch is, maar dat latere redacteuren de informatie soms bijwerkten en op bepaalde plaatsen verklarende opmerkingen invoegden. Zij denken dus dat een latere Joodse redacteur misschien de woorden heeft toegevoegd:
De Kanaänieten woonden toen in het land.
Hoewel het boek Genesis door Mozes werd geschreven, heeft een redacteur die opmerking ingevoegd. Maar ik zeg dat Mozes het geschreven kan hebben als hij bedoelde te zeggen dat de Kanaänieten zelfs toen al in het land waren, zelfs zo lang geleden al.
Dus hoewel deze specifieke uitspraken op het eerste gezicht de indruk lijken te wekken dat Mozes dit misschien niet heeft geschreven, zijn ze niet al te moeilijk te verklaren in het licht van de stelling dat Mozes het wel heeft geschreven.
Manna en de volgorde van de verhalen #
Ook staat er in Exodus 16:35, waar wordt verteld hoe God iedere dag manna begon te sturen dat het volk Israël kon eten, dat zij manna aten totdat zij bij de grens van het land Kanaän kwamen. Dat klinkt alsof er wordt gezegd dat zij daarna geen manna meer aten. We lezen in Jozua inderdaad dat het manna ophield toen zij bij de grens van Kanaän kwamen. Maar Mozes heeft werkelijk nog meegemaakt dat zij bij de grens van Kanaän kwamen, dus het is niet onmogelijk dat Mozes dat geschreven kan hebben. Hij leefde nog toen zij bij de grens van Kanaän kwamen en kon dus getuigen dat zij tot dat moment manna aten. Dit bewijst niet dat Mozes het niet heeft geschreven. Het klinkt alleen alsof het is geschreven door iemand nadat zij Kanaän waren binnengekomen, maar er staat niet noodzakelijk dat dit het geval is.
Een ander argument wordt ontleend aan het feit dat de volgorde van de verhalen soms niet lijkt te kloppen. De wet wordt bijvoorbeeld in Exodus hoofdstuk 20 aan Mozes gegeven. Maar in hoofdstuk 18, twee hoofdstukken eerder, zien we dat Mozes de kinderen Israëls oordeelt op grond van de wet van God. Je herinnert je dat zijn schoonvader Jethro komt en zegt:
Wat ben je aan het doen?
Hij zegt:
15Toen zei Mozes tegen zijn schoonvader: Omdat het volk naar mij toe komt om God te raadplegen. 16Wanneer zij een zaak hebben, komt men daarmee naar mij en oordeel ik tussen de een en de ander. Ik maak hun de verordeningen van God en Zijn wetten bekend.
Welnu, waar heeft Mozes de wet van God vandaan? Die werd op de berg Sinaï gegeven, en daar was hij nog niet aangekomen.
Er staan zulke dingen in de Pentateuch die klinken alsof ze niet in chronologische volgorde staan. Sommige van deze geleerden dachten: ‘Dat bewijst dat deze verhalen afzonderlijk circuleerden, als afzonderlijke overleveringen, en dat degene die ze heeft samengevoegd ze eenvoudigweg in de verkeerde volgorde heeft gezet.’
Wat mij betreft kunnen ze allemaal door Mozes zijn geschreven en toch door latere redacteuren in de verkeerde volgorde zijn gezet. Ze stonden waarschijnlijk niet allemaal op één boekrol. Ze kunnen als afzonderlijke hoofdstukken of documenten die Mozes had geschreven hebben gecirculeerd, vooral na de tijd van Mozes. Nadat Mozes gestorven was, kunnen gedeelten ervan afzonderlijk zijn overgeschreven. En toen die uiteindelijk tot hun definitieve vorm werden samengevoegd, kunnen ze in de verkeerde volgorde zijn gezet. Maar in veel gevallen is het niet belangrijk of zelfs maar noodzakelijk om te zeggen dat ze niet in de juiste volgorde staan. Misschien is er een andere verklaring. Daar zullen we ons nu niet druk om maken. Maar dit is een van de oorspronkelijke argumenten die zij aanvoerden voor het bestaan van verschillende overleveringen, omdat bij de redactie soms de juiste chronologische volgorde lijkt te ontbreken.
Dubbele verhalen als vermeende bronnen #
Dan is er het argument dat een aantal verhalen op elkaar lijkt. Het duidelijkste voorbeeld ben je al tegengekomen in Genesis. Abraham liegt over zijn vrouw en zegt dat zij zijn zus is. In Genesis 12 deed hij dit in Egypte tegenover de farao. In Genesis 20 deed hij dit in Gerar tegenover Abimelech, de koning van de Filistijnen. Degenen die de documentaire hypothese voorstaan, zeggen: ‘Zie je, dit zijn slechts twee verschillende overleveringen van hetzelfde verhaal. De details zijn veranderd toen het verhaal afzonderlijk werd doorverteld. In het ene verhaal gebeurt het in Egypte en in het andere in Gerar. Maar ze lijken zoveel op elkaar dat het waarschijnlijk slechts twee verschillende overleveringen zijn die uit één oorspronkelijk verslag zijn voortgekomen. Daarom vormen ze bewijs voor meerdere overleveringen.’
Aan de andere kant kan Mozes het natuurlijk hebben geschreven, en kunnen het twee afzonderlijke verslagen zijn, zoals ze zelf zeggen. Alleen omdat iemand denkt dat het waarschijnlijker is dat Abraham deze fout maar één keer zou maken dan dat hij hem twee keer zou maken, betekent dat nog niet dat hij hem niet twee keer heeft gemaakt. Ik durf wel te zeggen dat jij dezelfde fout ook twee keer hebt gemaakt, op de een of andere manier. En Abraham kan dat eveneens hebben gedaan.
Hoe dan ook, dit zijn de argumenten waarvan zij vonden dat ze de documentaire hypothese ondersteunden. Laat me je nu de argumenten ertegen geven, die naar mijn mening veel sterker zijn.
Bijbelse bevestiging van Mozes’ auteurschap #
Om te beginnen is een van de argumenten ertegen dat de Pentateuch er aanspraak op maakt door Mozes geschreven te zijn. Op bladzijde één van je aantekeningen, vlak boven de hoofdletter B, zie je dat Mozes aanzienlijke delen van de Pentateuch heeft geschreven, zoals herhaaldelijk in de boeken zelf wordt gesteld. Exodus 17:14, Exodus 24:4, Exodus 34:27, Numeri 33:2, Deuteronomium 1:1 en Deuteronomium 31:9 vermelden allemaal dat Mozes dingen opschreef.
Nu zeggen ze niet dat hij alles in de Pentateuch heeft opgeschreven. Ze zeggen alleen dat hij opschreef: Mozes schreef deze wet, Mozes schreef dit lied, Mozes schreef de legerplaatsen van Israël op. Er zijn dus verschillende gedeelten die zeggen dat Mozes bepaald materiaal heeft geschreven. Deze uitspraken zeggen niet dat hij de hele boeken heeft geschreven waarin dat materiaal nu te vinden is. Maar ze stellen wel dat Mozes voor een aanzienlijk deel de auteur en de bron van deze informatie was.
Bovendien schrijven de schrijvers van het Nieuwe Testament, onder wie Jezus, de Pentateuch aan Mozes toe. Dat wil zeggen dat ze alles ervan aan hem toeschrijven, behalve Genesis. Maar Genesis is waarschijnlijk ook van Mozes, want het is altijd als een deel van de Pentateuch beschouwd. En het historische verslag ervan eindigt precies waar Exodus verdergaat, enzovoort.
De reden waarom ik zeg dat de schrijvers van het Nieuwe Testament ons niet vertellen dat Mozes specifiek Genesis heeft geschreven, is dat zelfs Jezus uit Exodus citeert en zegt: ‘Mozes zei.’ Ook citeert Hij uit Leviticus wanneer Hij tegen de melaatse zegt:
Jezus zei tegen hem: Denk erom dat u dit tegen niemand zegt; maar ga heen, laat uzelf aan de priester zien, en offer de gave die Mozes voorgeschreven heeft, tot een getuigenis voor hen.
Dat staat in Leviticus, hoofdstuk 13 en 14. Jezus citeert vele malen uit het boek Deuteronomium. Toen Hij in de woestijn door de duivel werd verzocht, citeerde Hij Deuteronomium zelfs drie keer en zei:
Er staat geschreven, enzovoort. Maar daar noemde Hij Mozes niet. De andere apostelen citeren er wel uit. Romeinen 10 citeert uit Deuteronomium en zegt dat het Mozes was, enzovoort.
Je zult in het Nieuwe Testament zien dat alle boeken van de Pentateuch, behalve Genesis, door Jezus en de apostelen aan Mozes worden toegeschreven. Ook Genesis wordt vaak geciteerd in het Nieuwe Testament. Er wordt alleen niet vermeld of Mozes het heeft geschreven of niet. Maar je hebt in het Nieuwe Testament wel uitspraken die zeggen:
Heeft Mozes u niet de wet gegeven? En niemand van u doet de wet. Waarom probeert u Mij te doden?
Dat zei Jezus.
Voor de Jood omvatte de Thora Genesis tot en met Deuteronomium. En Jezus aanvaardde kennelijk hun overlevering dat Mozes ook Genesis had geschreven.
Sinaï en Egypte als intern bewijs #
Naast de Bijbelse bevestigingen hiervan hebben we intern bewijs dat ik graag wil bespreken. Om te beginnen: telkens wanneer er bij de omzwervingen door de woestijn, enzovoort, dieren en planten worden genoemd, gaat het om soorten waarvan bekend is dat ze in het gebied van de Sinaï voorkomen, en niet in Palestina.
De reden waarom dit belangrijk is om op te merken, is dat de documentaire hypothese stelt dat deze boeken eeuwen nadat de Israëlieten Palestina en Kanaän waren binnengekomen, zijn geschreven. De Joodse schrijvers zouden daarom vertrouwd zijn geweest met de Palestijnse fauna en flora, dus met de planten en dieren daar. Toch zijn de genoemde dieren en de beschreven flora die van het gebied van de Sinaï, waar het verhaal zich afspeelt. De auteur is dus vertrouwd met dat gebied, en niet met Kanaän of Palestina.
Bedenk dat Mozes nooit Palestina is binnengekomen. Mozes stierf voordat de kinderen van Israël het land binnengingen. Daarom zou hij niet vertrouwd zijn geweest met de planten en dieren in Palestina, maar wel met die in de Sinaï. En daarnaar vinden we door de hele tekst heen verwijzingen.
Ook is er een interessant verschijnsel: de auteur en zijn lezers hebben Egypte als referentiekader. Vermoedelijk schreef Mozes dit voor zijn eigen generatie en is het daarna bewaard gebleven. Maar in Genesis 13:10 staat:
En Lot sloeg de ogen op en zag dat heel de Jordaanvlakte rijk aan water was; voordat de HEERE Sodom en Gomorra te gronde gericht had, was zij in de richting van Zoar als de hof van de HEERE, als het land Egypte.
Merk op dat de schrijver ervan uitging dat zijn lezers beter bekend waren met Egypte en met het landschap op de weg richting Zoar. Hij nam aan dat ze daarmee vertrouwd waren. Hij zei:
Zo was de Jordaan in die tijd.
Hij neemt aan dat ze niet veel weten over het gebied van de Jordaan, dat in Israël ligt, maar dat ze wel weten hoe Egypte eruitziet. Deze slaven waren samen met Mozes uit Egypte gekomen. Hij kon zeggen:
Weet je hoe het daar was? Het leek op Egypte — je weet wel, op het landschap langs de weg naar Zoar.
Zo was het. Hij neemt dus aan dat zijn lezers en hijzelf vertrouwd zijn met Egypte, maar niet met Palestina. Dat zou niet gelden voor een latere generatie Joden als deze verhalen later waren ontstaan.
Evenzo staat er in Numeri 13:22:
Zij gingen het Zuiderland in en kwamen tot aan Hebron, en daar woonden Ahiman, Sesai en Talmai, nakomelingen van Enak. Hebron nu was zeven jaar eerder gebouwd dan Zoan in Egypte.
Nadat de kinderen van Israël het land Kanaän waren binnengekomen, was Hebron een van de beroemdste steden die er waren. Toch neemt de auteur aan dat zijn lezers beter bekend zijn met Zoan in Egypte dan met Hebron. Ze zouden weten wanneer Zoan gebouwd was, maar ze wisten niet wanneer Hebron gebouwd was, omdat Hebron in Israël lag en ze het nog niet hadden ingenomen. Ze waren nog niet vertrouwd met die geografie. Ze waren wel vertrouwd met Zoan in Egypte en daarom maakt hij die vergelijking.
Er is dus sprake van dit Egyptische referentiekader, dat in de tijd van Mozes zou hebben bestaan, maar daarna niet meer. De generatie van Mozes was namelijk de laatste Joodse generatie die in Egypte woonde.
Egyptische leenwoorden en de tabernakel #
Dan zijn er Egyptische leenwoorden. Daarmee bedoelen we dat iedere taal woorden uit andere talen overneemt. Het Nederlands heeft bijvoorbeeld veel woorden uit het Latijn overgenomen. We hebben veel leenwoorden uit het Spaans, Frans, Duits, enzovoort. ‘Gesundheit’ is duidelijk Duits. We hebben Franse leenwoorden en veel Spaanse leenwoorden doordat culturen zich met elkaar vermengen. Het Nederlands heeft woorden uit andere talen overgenomen die leenwoorden worden genoemd.
De Pentateuch bevat, anders dan latere Bijbelboeken, veel leenwoorden uit de Egyptische taal. Er zijn veel aanwijzingen dat de taal van de Hebreeën voor haar woordenschat enigszins afhankelijk was geweest van het Egyptisch. Ook dat wijst weer op de tijd van Mozes, niet op een latere periode.
Ook is de Pentateuch gefascineerd door de tabernakel. Dat was een tijdelijke tent die na de tijd van David, en vooral na de tijd van Salomo, toen de tempel werd gebouwd, geen betekenis meer zou hebben gehad voor de Joden. Na de tijd van Salomo hadden de Joden de tempel, niet de tabernakel, en zouden ze niet zo gefascineerd zijn geweest. Kijk eens naar alle details als je Exodus leest. Bijna de helft van het boek Exodus bestaat uit een uiterst gedetailleerde beschrijving van de tabernakel. In Leviticus en de andere boeken wordt veelvuldig naar de tabernakel verwezen.
Een generatie die na de tijd van Salomo leefde, zou nooit enige belangstelling voor de tabernakel hebben gehad. Misschien zouden ze veronderstellen dat er een tabernakel was geweest voordat er een tempel was. Maar al die details zouden belangrijk zijn voor de generatie van Mozes, omdat zij hem moesten bouwen. Ze moesten de bouwtekeningen en de beschrijving hebben, zodat ze wisten wat ze moesten doen. Maar waarom zou een generatie die eeuwen later leefde en de tabernakel niet eens had, hoofdstuk na hoofdstuk na hoofdstuk na hoofdstuk vullen met minutieuze beschrijvingen van hoe hij gebouwd moest worden, hoe groot hij was en al die dingen?
Dat is logisch als het in de dagen van Mozes werd geschreven, toen ze de tabernakel werkelijk bouwden en gebruikten. Het is niet logisch dat deze inhoud in de Pentateuch zou staan als die vele generaties later werd geschreven, eeuwen nadat de tabernakel niet langer in gebruik was.
Jeruzalem en muziek ontbreken #
Ook wordt Jeruzalem nergens in de hele Pentateuch genoemd. Na de tijd van David was Jeruzalem de hoofdstad van Israël en Juda. Na de tijd van David was Jeruzalem de geliefde gouden stad. Het was de heilige stad. Het was de grote liefde van het Joodse volk. De Joden zouden zeggen:
5Als ik u vergeet, Jeruzalem, laat dan mijn rechterhand zichzelf vergeten. 6Laat mijn tong vastkleven aan mijn gehemelte, als ik niet aan u denk, als ik Jeruzalem niet doe uitstijgen boven mijn hoogste blijdschap.
Ze wilden Jeruzalem niet vergeten, omdat het de heilige stad was. En Jeruzalem vormt voornamelijk het middelpunt van de aandacht van de profeten, enzovoort.
De boeken van de profeten Jesaja en Jeremia werden feitelijk geschreven rond de tijd waarin volgens de documentaire hypothese die andere tradities ontstonden. Met andere woorden, als de documentaire hypothese waar is, dan werden deze boeken van de Pentateuch ongeveer in dezelfde tijd geschreven als de boeken van de profeten Jesaja, Jeremia, enzovoort. Toch zijn Jesaja en Jeremia voortdurend met Jeruzalem bezig, zoals alle Joden dat waren na de tijd van David.
In Genesis staat niet één verwijzing naar Jeruzalem als een plaats van betekenis. Hooguit wordt er terloops naar verwezen als de stad waar Melchizedek was. Afgezien daarvan wijst het ontbreken van iedere verwijzing naar Jeruzalem als een belangrijke plaats beslist op een tijd vóór de tijd van David, en dus niet op de tijd die de documentaire hypothese voorstelt.
Dit is ook van betekenis omdat muziek na de tijd van David een van de voornaamste vormen van aanbidding was die David invoerde. David voerde muziekinstrumenten en zingende priesters in. Hij verdeelde de priesters in vierentwintig afdelingen, die voortdurend voor de ark van het verbond zouden zingen. Later, in de tijd van Hizkia, herstelde hij al deze Davidische vormen van aanbidding met muziek.
Leviticus in de Pentateuch is een gedetailleerde beschrijving van de manier waarop de aanbidding moet worden verricht. In het hele boek wordt muziek niet één keer genoemd. Als dit na de tijd van David was geschreven, zou je beslist verwachten dat het gebruik van muziekinstrumenten en dergelijke erin was opgenomen. Dat was na de tijd van David immers de norm geworden. Maar dit is duidelijk vóór de tijd van David geschreven. In de Pentateuch wordt zelfs niet gezinspeeld op muziek in de tabernakel, onder de priesters of bij de aanbidding van God.
Yahweh Sabaoth en de slotsom #
Het laatste punt hierover betreft de naam Yahweh Sabaoth, die ‘the Lord of Hosts’ betekent. In moderne Engelse vertalingen wordt dat vertaald als ‘the Lord of Armies’ of ‘Lord of Hosts’. Yahweh Sabaoth was in de tijd van de profeten Jesaja en Jeremia de meest voorkomende naam voor God. Je zult tientallen keren aantreffen dat zij God Yahweh Sabaoth noemen. In alle literatuur van de Joden uit die periode werd God Yahweh Sabaoth genoemd. Toch beweert de documentaire hypothese dat de Pentateuch in die tijd is ontstaan, terwijl die aanduiding niet één keer in de Pentateuch wordt gebruikt. Het lijkt erop dat de Pentateuch werd geschreven voordat Yahweh Sabaoth een populaire manier werd om over God te spreken. In de latere tijd waarin het volgens deze critici werd geschreven, werd die aanduiding voortdurend gebruikt. Maar in de Pentateuch vind je Yahweh Sabaoth niet één keer, hoewel het in de latere literatuur van de Joden de meest voorkomende naam voor God is.
De bewijzen dat Mozes de Pentateuch heeft geschreven, zijn dus de volgende: de Joodse traditie, de uitspraken van Jezus Zelf, de bewering in de apostolische geschriften dat Mozes hem heeft geschreven en het interne bewijsmateriaal van het boek. Daarom staat de documentaire hypothese eenvoudigweg niet zo stevig vast. Zij ontstond aanvankelijk vanuit het onjuiste uitgangspunt dat Mozes in zijn tijd niet over het schrift beschikte, maar daarin hadden ze het mis.
Inhoud en thema’s van de vijf boeken #
Genesis behandelt de geschiedenis vanaf de schepping tot aan de verhuizing van het gezin van Jakob naar Egypte in de tijd van Jozef. Exodus tot en met Deuteronomium beslaan het leven van Mozes. Exodus behandelt de eerste tachtig jaar van Mozes: zijn geboorte, zijn veertig jaar vóór zijn ballingschap in Midian en de veertig jaar dat hij in Midian was. Hij was tachtig jaar oud toen hij terugkwam en het volk Israël bevrijdde, en zo oud is hij wanneer Exodus eindigt. Het brengt ons tot de wetgeving op de berg Sinaï en de oprichting van de tabernakel.
Leviticus is een soort wetboek voor de priesters. Het is een handboek voor de priesters over hoe ze offers moeten brengen en de dingen moeten doen die ze moeten doen. Numeri behandelt de achtendertig jaar waarin de Joden door de woestijn zwierven, vanaf de Sinaï tot aan het moment dat ze het beloofde land binnengingen. Ze brachten een heel jaar door bij de berg Sinaï. Deuteronomium beslaat waarschijnlijk maar één of twee dagen. Het bevat vier preken die Mozes aan het einde van zijn leven hield om de tweede generatie Joden die uit Egypte gekomen waren, te herinneren aan de dingen die God hun geboden had te doen. Dat is de inhoud van elk boek.
Wat de thema’s van de boeken betreft, zou je kunnen zeggen dat in Genesis de soevereiniteit van God te zien is: Zijn soevereiniteit in de schepping, Zijn soevereiniteit in de keuze van Abraham en Zijn soevereiniteit in het zo leiden van de gebeurtenissen dat Jozef aan de macht kwam. De soevereiniteit van God is beslist het overheersende thema van Genesis.
Voor Exodus zouden we Gods macht en reddende genade kunnen noemen: hoe Hij het machtigste koninkrijk ter wereld, Egypte, kon overwinnen, en hoe God hen door genade redde, iets wat de Joden op grond van hun eigen verdiensten niet verdienden.
Bij Leviticus zou het de heiligheid van God zijn. Dat is beslist een overheersend thema in Leviticus: het woord heiligheid.
Ik ben heilig. Wees heilig, want ik ben heilig, komt in het hele boek Leviticus veelvuldig voor.
De goedheid en gestrengheid van God zijn te zien in Numeri. Dat wil zeggen: Gods genade en Zijn bestraffing van Israël wanneer zij tijdens die achtendertig jaar van omzwervingen in de woestijn tegen Hem zondigden.
Voor Deuteronomium zouden we het thema de trouw van God kunnen noemen. Wanneer Mozes terugkijkt op de uittocht en de tijd daarna, brengt hij in herinnering hoe God trouw is geweest aan wat Hij beloofd had en trouw zal zijn door hun het land te geven wanneer ze het binnengaan.
Dat is onze inleiding op de Pentateuch.
Herkomst
Meld een fout in deze lezing — de lezing en de passage worden alvast in je e-mail ingevuld.
Deze lezing is van Steve Gregg en verscheen oorspronkelijk in het Engels als Introduction to Penteteuch. Beluister het origineel.
De Nederlandse tekst is een vertaling, nagelezen en ingesproken door Vers voor Vers, en verschijnt met toestemming van Steve Gregg. Bijbelteksten komen uit de HSV.
Delen
Richt de camera van je telefoon op de code en de lezing opent daar — handig om verder te luisteren onderweg.
versvoorvers.org/genesis/inleiding-op-de-pentateuch
De link werkt overal: in een app, in een mail, of geplakt in een gesprek. Wie hem opent komt op deze lezing uit, met de tekst en de opname erbij.
De lezing als leesuitgave: de volledige tekst met de bijbelteksten en een inhoudsopgave, om af te drukken en met een pen in te werken.
media.versvoorvers.org/genesis/inleiding-op-de-pentateuch.pdf?v=2497d1d9887f
Deel deze link en de ander kan het bestand daar zelf ophalen — handig in een bericht of een mail, waar het bestand zelf vaak te groot voor is.
Wordt opgeslagen als Vers voor Vers - Genesis - Lezing 03 - Inleiding op de Pentateuch.pdf
MP3
De opname zelf, met hoofdstukken en omslag erin. Speelt in elke app en werkt zonder internet.
media.versvoorvers.org/genesis/inleiding-op-de-pentateuch.mp3?v=3ecf0b41ea37
Deel deze link en de ander kan het bestand daar zelf ophalen — handig in een bericht of een mail, waar het bestand zelf vaak te groot voor is.
Wordt opgeslagen als Vers voor Vers - Genesis - Lezing 03 - Inleiding op de Pentateuch.mp3
Genesis
Alle lezingen over Genesis. De ring laat zien hoever je in elke lezing bent.
- 1 Canon van de Schrift Hoe de Bijbelboeken als Schrift erkend zijn
- 2 Bijbeloverzicht De boeken van de Bijbel en hun indeling
- 3 Inleiding op de Pentateuch Mozes en de documentaire hypothese
- 4 Inleiding De oorsprong van wereld, mens en Israël
- 5 1:1-5 God scheidt het licht van de duisternis
- 6 1:5-15 God schept in dagen van vierentwintig uur
- 7 1:14-31 God schept zon, maan, dieren en de mens
- 8 1 Gods scheppingswerk in de gelovige
- 9 2:1-3 God rust en heiligt de zevende dag
- 10 2:4-20 God maakt de mens en plant de hof van Eden
- 11 2:21-25 God maakt de vrouw als hulp voor de man
- 12 3:1-6 De slang misleidt Eva en Adam eet mee
- 13 3:7-15 Vijgenbladeren en de nederlaag van de slang
- 14 3:16-24 Pijn, machtsstrijd en dood na de zondeval
- 15 4:1-17 Kaïns offer, moord, straf en bescherming
- 16 4:18-5:32 Kaïn en Seth en hun eerste nakomelingen
- 17 6:1-8 De zonen van God en de Nephilim
- 18 6:9-8:22 Noach, de ark en de wereldwijde zondvloed
- 19 9:1-7 Vlees mag gegeten worden, bloed niet
- 20 9:8-10:32 Gods verbond met Noach en de volken
- 21 11 God verwart de taal en verspreidt de mensen
- 22 12:1-9 God belooft Abram zegen voor alle volken
- 23 12:10-13:18 Abram in Egypte en de scheiding met Lot
- 24 14 Abram bevrijdt Lot en ontmoet Melchizedek
- 25 15:1-17:8 God belooft Abram nageslacht en Kanaän
- 26 17:9-18:33 Besnijdenis, Izaks komst en Sodom
- 27 19-20 Sodom verwoest, Abraham bedriegt Abimelech
- 28 21-22 Abraham moet Izak offeren
- 29 23-24 Sara begraven en een vrouw voor Izak
- 30 25 Abraham sterft, Ezau verkoopt zijn recht
- 31 26-27 Izak graaft putten, Jakob krijgt de zegen
- 32 28:1-29:30 Jakob ontmoet God en Laban bedriegt hem
- 33 29:31-31:21 Jakobs kinderen, kudden en vertrek
- 34 31:17-55 Jakob vlucht en sluit een verbond met Laban
- 35 32-34 Jakob worstelt met God en omhelst Ezau
- 36 35-37 Jakob naar Bethel, Jozef wordt verkocht
- 37 38-39 Juda en Tamar; Jozef blijft trouw
- 38 40-42 Jozef wordt verheven en beproeft zijn broers
- 39 43-47 Jozef maakt zich bekend aan zijn broers
- 40 48-50 Jakob zegent zijn zonen en sterft
Ondertitels
De uitgesproken tekst met tijdcodes, op dezelfde klok als de opname. Voor wie de video zelf ondertitelt of de lezing in een editor naast het geluid wil leggen.
media.versvoorvers.org/genesis/inleiding-op-de-pentateuch.srt?v=b3f83103c293
Deel deze link en de ander kan het bestand daar zelf ophalen — handig in een bericht of een mail, waar het bestand zelf vaak te groot voor is.
Wordt opgeslagen als Vers voor Vers - Genesis - Lezing 03 - Inleiding op de Pentateuch.srt
de platte tekst
Dezelfde lezing als Markdown: titel, gegevens, hoofdstukindeling en de volledige tekst, zonder opmaak. Bedoeld om door te geven aan een taalmodel of in een editor te openen.
versvoorvers.org/genesis/inleiding-op-de-pentateuch.md
Deel deze link en de ander kan het bestand daar zelf ophalen — handig in een bericht of een mail, waar het bestand zelf vaak te groot voor is.
Link naar dit stuk
Wie deze link opent komt op deze lezing uit en springt meteen naar dit stuk tekst, dat daar even oplicht. De opname begint niet vanzelf — de lezer bepaalt zelf of hij ook wil luisteren.
Hoofdstukken
Kies een hoofdstuk en de opname springt daarheen.
Bijbelteksten
Alle teksten die in deze lezing langskomen, in de volgorde waarin ze aan bod zijn.