Bij het Bijbelboek

Zefanja lezen: de dag van de Heere en een verborgen overblijfsel

Zefanja kondigt een oordeel aan over een stad die God nog wel bij naam noemt, maar niet meer verwacht dat Hij ingrijpt. Tegelijk roept hij de zachtmoedigen op de Heere te zoeken, want God heeft een schuilplaats voor Zijn overblijfsel.

Mijn VVV
Artistieke voorstelling van een man die op een heuvel met olijfbomen spreekt tot een groep eenvoudig geklede mannen, vrouwen en kinderen, met in de verte de muren van een stad.
Zefanja roept de zachtmoedigen van het land op de Heere te zoeken. Illustratie gemaakt met AI.

Zefanja is een kort profetisch boek van drie hoofdstukken. De profeet was een afstammeling van koning Hizkia en trad op in de dagen van Josia. Hij is de enige profeet van wie de afstamming vier generaties terug wordt vermeld.

In de Nederlandstalige lezing over Zefanja neemt Steve Gregg het hele boek in één keer door. Hij geeft eerst de achtergrond en een overzicht, en bespreekt daarna de belangrijkste gedeelten.

Vóór de hervormingen van Josia

In de lezing over Zefanja 1-3 laat Gregg zien hoe het boek gedateerd kan worden. Zefanja voorspelt de val van Ninevé, die in 612 voor Christus plaatsvond, en een oordeel over de Filistijnse steden, die rond 630 voor Christus door de Scythen werden geplunderd. Daarmee komt de profetie vóór de hervormingen van Josia te liggen. Dat verklaart volgens Gregg waarom er zoveel klachten over afgoderij in staan: mensen aanbaden de sterren op de daken en zwoeren zowel bij de Heere als bij Milkom.

Gregg wijst ook op een houding die hij vergelijkt met die van de deïsten. In Jeruzalem zeiden mensen in hun hart dat de Heere geen goed en geen kwaad doet. Zij geloofden wel in God, maar niet dat Hij zou ingrijpen. God antwoordt dat Hij Jeruzalem met lampen zal doorzoeken.

Ieder volk zijn eigen dag van de Heere

De dag van de Heere komt bij veel profeten voor. Gregg legt uit dat in het Oude Testament elk goddeloos volk zijn eigen dag van de Heere had: het moment waarop God Zijn toorn bracht over wie Hem beledigden. Zefanja noemt de Filistijnen in het westen, Moab en Ammon in het oosten, de Ethiopiërs in het zuiden en Assyrië in het noorden. Zij worden samen genoemd, maar het oordeel trof hen op verschillende tijdstippen.

Verborgen op de dag van de toorn

Zoek de HEERE, alle zachtmoedigen van het land, die Zijn recht uitvoeren. Zoek gerechtigheid, zoek zachtmoedigheid, misschien zult u dan verborgen worden op de dag van de toorn van de HEERE.

— Zefanja 2:3, Herziene Statenvertaling

In de lezing merkt Gregg op dat de naam Zefanja ‘de HEERE verbergt’ betekent. Terwijl de goddelozen zich nergens kunnen verbergen, bewaart God bij een algemene ramp wie op Hem vertrouwen. Hier wordt al gezinspeeld op het overblijfsel.

Een nederig volk dat de Naam van de Heere vertrouwt

Het laatste deel van hoofdstuk 3 spreekt over een ellendig en arm volk dat op de Naam van de Heere vertrouwt. Gregg verbindt dat met de zachtmoedigen en de armen van geest uit de Bergrede, en met de gelovigen die de verwoesting van Jeruzalem in het jaar 70 overleefden. De terugkeer uit Babylon ziet hij als een type en een schaduw van hoe God onder de Messias Zijn volk behoudt, ook mensen van voorbij de rivieren van Ethiopië.

De lezing over Zefanja volgt het boek tot aan de belofte dat de Heere in het midden van Zijn volk is, Zich over hen verheugt en hen bijeenbrengt.

← Alle blogartikelen

Hoe wil je deze lezing volgen?

Je kunt deze keuze altijd wijzigen in de speler.

We onthouden je voorkeur op dit apparaat.

De lezing wordt geladen…

Beeld en tekst laden…