2 Kronieken lezen: de tempel en de koningen van Juda
2 Kronieken begint met Salomo die de tempel bouwt en eindigt met het besluit om een nieuwe tempel te bouwen. Steve Gregg loopt de koningen van Juda langs en let vooral op wat Kronieken vertelt dat je in Koningen niet vindt.

Steve Gregg behandelt Kronieken, dat in de Hebreeuwse Bijbel één boek is, in twee overzichtslezingen die niet precies de grens tussen 1 en 2 Kronieken volgen. De eerste, die bij 1 Kronieken staat, is een inleiding op beide boeken en bespreekt de geslachtsregisters. De lezing bij 2 Kronieken pakt het verhaal op bij de dood van Saul in 1 Kronieken 10 en loopt door tot het einde van 2 Kronieken 36.
Wat Kronieken toevoegt en weglaat
Gregg vergelijkt Kronieken steeds met Samuel en Koningen. Kronieken laat onder meer Davids zonde met Bathseba, de opstand van Absalom en Salomo’s afval weg. Het geeft juist veel ruimte aan Davids voorbereidingen voor de tempel, de indeling van de priesters in 24 afdelingen en de zangers en musici. Gregg wijst erop dat Zacharias, de vader van Johannes de Doper, tot een van die afdelingen behoorde.
Van de negen hoofdstukken over Salomo gaan er zes over de bouw en inwijding van de tempel.
En de priesters konden, vanwege die wolk, niet blijven staan om te dienen, want de heerlijkheid van de HEERE had het huis van God vervuld.
— 2 Kronieken 5:14, Herziene Statenvertaling
In de lezing vergelijkt Gregg dit met de ingebruikname van de tabernakel in Exodus 40. Ook toen konden de priesters niet naar binnen. Hij laat in het midden wat dat precies inhield, maar het punt is dat ze niet naar binnen gingen omdat God daar zichtbaar aanwezig was.
De koningen van Juda
Na de scheuring onder Rehabeam volgt Kronieken alleen het zuidelijke koninkrijk. Goede koningen krijgen veel ruimte. Asa krijgt drie hoofdstukken, waar Koningen het bij zo’n vijftien verzen houdt. Josafat bidt tegenover een overmacht en hoort dat de strijd niet aan hem is, maar aan God. Hizkia herstelt de tempel en het Pascha. Gregg laat ook zien dat zelfs goede koningen hun zwakke punten hadden, en dat Kronieken verhalen bewaart die Koningen niet heeft: de brief van Elia aan Joram, de dood van Zacharia, de zoon van Jojada, en de bekering van Manasse in gevangenschap.
Het boek eindigt met de val van Jeruzalem, die Kronieken toeschrijft aan de zonden van het volk en de verwerping van de profeten. Daarna slaat het de ballingschap over en eindigt met het besluit van Kores, waarmee ook het boek Ezra begint.
De lezing over 2 Kronieken laat zien hoe Kronieken de geschiedenis van Juda vertelt, omlijst door de eerste tempel aan het begin en de herbouw van de tempel aan het einde.

