Habakuk lezen: twee klachten en een rechtvaardige die door trouw leeft
Habakuk spreekt niet tot het volk over God, maar tot God over wat Hij doet. Hij klaagt twee keer en krijgt twee keer antwoord: God zal alle goddeloosheid oordelen, maar de rechtvaardige zal leven.

Habakuk is een kort profetisch boek van drie hoofdstukken. De profeet was een tijdgenoot van Jeremia en profeteerde in de late zevende eeuw voor Christus, toen de komst van de Babyloniërs dreigde. Toch verschilt hij van de andere profeten: hij richt zich niet tot het volk, maar spreekt tot God over wat God doet.
In de Nederlandstalige lezing over Habakuk neemt Steve Gregg het hele boek in één keer door. Hij schetst eerst de opbouw en bespreekt daarna de belangrijkste gedeelten.
Twee klachten, twee antwoorden
In de lezing over Habakuk 1-3 laat Gregg zien dat het boek bestaat uit twee rondes. Eerst klaagt Habakuk dat het onrecht in Juda ongestraft blijft. God antwoordt dat Hij de Chaldeeën laat opkomen. Daarop volgt de tweede klacht: hoe kan God een volk gebruiken dat nog goddelozer is dan Juda? Gods antwoord in hoofdstuk 2 is dat Hij alle zondaars zal oordelen, eerst Juda en op Zijn tijd ook Babylon.
Gregg besteedt aandacht aan het gebruik van Habakuk in het Nieuwe Testament. Paulus haalt hoofdstuk 1, vers 5 aan in de synagoge van Antiochië in Pisidië. Gregg ziet daarin een parallel: zoals de Babyloniërs Jeruzalem verwoestten, zo zouden de Romeinen dat in Paulus’ generatie opnieuw doen.
De rechtvaardige zal leven
Zie, zijn ziel is hoogmoedig, niet oprecht in hem, maar de rechtvaardige zal door zijn geloof leven.
— Habakuk 2:4, Herziene Statenvertaling
In de lezing legt Gregg uit dat het Hebreeuwse woord voor ‘geloof’ eigenlijk ‘trouw’ betekent, terwijl de Septuaginta het Griekse woord voor geloof gebruikt. Paulus en de schrijver van Hebreeën volgen de Septuaginta. Volgens Gregg zijn beide uitspraken theologisch waar: we worden gerechtvaardigd door geloof, en geloof dat rechtvaardigt komt tot uiting in trouw aan God. Voor Habakuk betekende het dat het getrouwe overblijfsel, waartoe hij zelf behoorde, het oordeel zou overleven.
De aarde vol van Zijn heerlijkheid
Te midden van vijf wee-uitspraken over Babylon staat de belofte dat de aarde vol zal worden met de kennis van de heerlijkheid van de Heere. Gregg laat zien hoe Habakuk hier Numeri 14:21 en Jesaja 11:9 combineert, en hoe Paulus erop zinspeelt in 2 Korinthe 4:6: de kennis van Gods heerlijkheid in het aangezicht van Jezus Christus.
Een gebed tot besluit
Hoofdstuk 3 is een gebed dat lijkt op de Psalmen. Habakuk blikt terug op Gods machtige daden in het verleden en beeft bij wat komen gaat. Toch eindigt hij met de woorden dat hij zich in de Heere zal verheugen, ook als de vijgenboom niet bloeit en er geen vrucht aan de wijnstok is.
De lezing over Habakuk volgt het boek van de eerste klacht tot dit slotgebed, waarin de profeet zegt dat de Heere zijn kracht is.

