2 Petrus lezen: groeien in genade en wachten op Zijn komst
Petrus schrijft zijn tweede brief met het einde van zijn leven in zicht. Hij wil dat zijn lezers blijven groeien, zich niet laten misleiden door valse leraren en blijven rekenen op de komst van de Heere, ook als die lang op zich laat wachten.

2 Petrus is een korte brief met een duidelijk doel. Petrus wil zijn lezers herinneren aan wat zij al weten, nu hij verwacht dat hij binnenkort zal sterven. Hij spoort hen aan om in geloof te groeien, waarschuwt voor leraren die vrijheid beloven maar tot zonde verleiden, en houdt vast aan de belofte van de komst van de Heere.
In de zes Nederlandstalige lezingen over 2 Petrus volgt Steve Gregg de brief vers voor vers. De eerste lezing behandelt 2 Petrus en Judas samen, omdat de twee brieven nauw met elkaar verbonden zijn.
Twee verwante brieven
De inleiding begint bij die verwantschap. Van de 25 verzen van Judas hebben er vijftien een parallel in 2 Petrus, vooral in hoofdstuk 2. Gregg verdedigt Petrus als schrijver van de brief en betoogt dat verschillen in taal en stijl geen goede reden zijn om dat te ontkennen. Volgens hem schreef Petrus eerst, en gebruikte Judas vooral 2 Petrus 2 als uitgangspunt voor een preek over dwaalleraren die inmiddels waren opgetreden. Hij bespreekt ook waarom het gezag van Judas lange tijd ter discussie stond.
Groeien in genade
In hoofdstuk 1:1-15 gaat het over wat God gelovigen geeft. Door Zijn kracht en beloften hebben zij alles wat nodig is voor leven en godsvrucht. Gregg legt uit dat genade meer is dan vergeving: het is ook de kracht om te leven zoals Jezus. Deelhebben aan de goddelijke natuur wordt zichtbaar in een veranderd karakter. Daarom roept Petrus op om met inzet deugd, kennis, zelfbeheersing, volharding, godsvrucht en liefde aan het geloof toe te voegen. Het vastmaken van roeping en verkiezing betekent volgens Gregg dat je blijft groeien, omdat afvallen mogelijk is.
Ooggetuige en profetisch woord
Hoofdstuk 1:16-21 draait om Petrus’ getuigenis van de verheerlijking op de berg. Gregg wijst op het verschil tussen sterven voor een overtuiging en sterven voor wat je zelf hebt gezien. Hij bespreekt hoe dat ooggetuigenverslag zich verhoudt tot het profetische woord, en verkent voorzichtig de gedachte dat de morgenster die in het hart opgaat wijst op Christus’ heerlijkheid die steeds meer in de gemeente zichtbaar wordt. Petrus’ woorden over eigenmachtige uitleg gaan volgens hem over de oorsprong van profetie: de profeten spraken gedreven door de Heilige Geest.
Valse leraren
In hoofdstuk 2:1-17 waarschuwt Petrus voor valse leraren. Gregg benadrukt dat vooral hun karakter en levenswandel hen ontmaskeren: ze verloochenen Christus’ heerschappij, stellen genade voor als vrijbrief voor zonde en buiten mensen uit uit hebzucht en begeerte. Aan de hand van de gevallen engelen, Noach en Lot laat hij zien dat God de goddelozen voor het oordeel bewaart en de godvruchtigen verlost. Hij onderzoekt ook de mogelijkheid dat Petrus een verhaal uit het boek Henoch als illustratie gebruikt, zonder de historische juistheid ervan te bevestigen.
Hoofdstuk 2:18 tot 3:9 gaat verder over leraren die vrijheid beloven, terwijl ze mensen opnieuw tot slaven van de zonde maken. Gregg betoogt dat christenen hun behoud kunnen verliezen door Christus te verlaten, en onderscheidt dat van zondigen uit zwakheid. Daarna komen de spotters, die vragen waar de belofte van Zijn komst blijft.
De Heere vertraagt de belofte niet (zoals sommigen dat als traagheid beschouwen), maar Hij heeft geduld met ons en wil niet dat enigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen.
— 2 Petrus 3:9, Herziene Statenvertaling
Over dit vers zegt Gregg in de lezing over 2:18 tot 3:9 dat het verstrijken van de tijd niets afdoet aan Gods trouw. God is niet traag, maar geduldig. Hij wacht met het oordeel omdat er nog mensen zijn die zich moeten bekeren. Zolang Hij wacht, blijft er gelegenheid. Volgens Gregg laat dit vers ook zien dat God niet alleen een beperkte groep uitverkorenen wil behouden, maar wil dat alle mensen tot bekering komen.
De dag van de Heere
De slotlezing over 3:10-18 behandelt de dag van de Heere. Gregg betoogt dat Christus’ wederkomst direct het einde van de huidige wereld en het begin van de nieuwe hemel en aarde brengt, zonder een tussenliggend duizendjarig rijk. Hij zet zijn amillennialistische uitleg naast het premillennialisme en legt uit waarom hij de passage niet op de verwoesting van Jeruzalem in het jaar 70 betrekt. Tot slot bespreekt hij Petrus’ oproep tot een heilig leven, zijn erkenning van Paulus’ brieven als Schrift en de slotwoorden: waakzaam blijven en groeien in de genade en kennis van Jezus Christus.
De hele reeks over 2 Petrus laat zien hoe Petrus groei in geloof en waakzaamheid tegenover dwaling verbindt met geduldige verwachting van de komst van de Heere.

